Blijft er geld op tafel liggen?

Afgelopen weken kregen we weer een aantal mooie staaltjes van emoties op de beurs gepresenteerd.

Bekaert dook vrijdag na een winstwaarschuwing 25% lager en zakte van €27,5 naar €20,5 en noteerde daardoor zelfs even onder haar tastbare boekwaarde van €21,4. Duidelijk een overdreven reactie, zelfs als we rekening houden met de stevige schuldgraad.

Diezelfde dag dook het Nederlandse Wessanen ook 26,5% lager na de presentatie van haar halfjaarcijfers. Hier lijkt het echter minder om een overdreven reactie te gaan. Bij dit aandeel lijkt het er meer op dat het even terug met de voeten op de aarde komen is nadat de koers de afgelopen vijf jaar sneller is gestegen dan de winst.

Nog een recent voorbeeld, maar waar de koers al de kans kreeg om te herstellen is Greenyard. In een fabriek in Hongarije werd de listeria bacterie gevonden, dezelfde soort waaraan 9 mensen stierven, al is er geen direct verband aangetoond.

De reactie van de markt hierop was ook hevig, het aandeel dook van €12,5 naar €7,5, een daling van 40%.

Toen de kosten van de terugroepactie van de diepvriesgroenten bekend werden gemaakt, namelijk zo’n €30 miljoen leek het er zeker op dat de marktreactie fel overdreven was. Tenminste als je het enkel financieel bekijkt. En de reactie bleef dan ook niet uit, de koers steeg en stond voor het weekend op €10,14, ofwel terug 35% hoger.

Zijn zulke reacties enigszins voorspelbaar?

Eigenlijk zijn zulke reacties best voorspelbaar.

Laat ik dan ook geld op tafel liggen door nu niet in Bekaert, of in andere aandelen die zo’n pandoering krijgen te stappen? Absoluut, elke dag.

Vind ik het erg? Absoluut niet.

Ik laat namelijk ook alle problemen op tafel liggen. Naast tientallen tot honderden voorbeelden van aandelen die snel van zo’n klap herstellen, zijn er ook honderden voorbeelden van aandelen die deze nooit meer te boven komen.

Om even terug Greenyard als voorbeeld te nemen. De kostprijs van €30 miljoen voor de terugroepactie is binnen de perken. Dit zal het resultaat voor dit jaar wel in het rood duwen, maar op lange termijn is dit geen dealbreaker.

Nog niet te lang geleden heb ik Greenyard bekeken en ben ik afgehaakt op de hoge schuldgraad en lage marges, maar dat terzijde.

Wat ik onlangs geleerd heb van iemand die zijn hele carrière in de voedingssector heeft gewerkt, is dat de kostprijs aan imagoschade en vertrouwen bij voedingsbedrijven vaak de kost van de terugroepactie vele malen overstijgt.

En ik vrees ook dat dit bij Greenyard het geval gaat zijn. Er zijn doden gevallen, al dan niet rechtstreeks aan Greenyard verbonden, voor de perceptie speelt dit geen rol. Daarnaast was het ook een terugroepactie in verschillende landen, geen geïsoleerd geval zoals bij de fipronil terugroeping van Lotus Bakeries.

Ik zie dit dan ook niet als een belegging voor de lange termijn.

Berekende gokjes maken kan lucratief zijn

Op korte termijn winsten maken door berekende gokjes zoals deze te plaatsen kan heel lucratief zijn. En als u dat wil doen, dan bent u waarschijnlijk ook dagdagelijks met de beurs bezig en heeft u mijn advies daarin niet nodig.

Het is ook niet de manier waarop ik werk. Ik zoek aandelen voor de lange termijn. Rustig beleggen, dat slaapt beter en is ook heel lucratief.

Berekende gokjes maak ik ook op de iets langere termijn met penny stocks. Ik hou daarbij steeds volgende uitspraak van Benjamin Graham voor ogen:

“Op de korte termijn is de beurs een gokmachine, op lange termijn een weegschaal” Benjamin Graham

Hysterie of terechte paniek na de recente overname van Amazon?

Amazon maakte vorige week donderdag bekend dat ze de onlineapotheek PillPack kochten, en dit voor $1 miljard.

Vorig jaar in juli was het al duidelijk dat Amazon de markt van de voorgeschreven geneesmiddelen wilde betreden. In onze SMART Formula werd toen CVS Health opgenomen en deze waarschuwing stond er ook duidelijk in vermeld.

Het is ook om die reden, of tenminste, dat was toch de enige verklaring die ik kon vinden, dat de koers van CVS daalde.

Nochtans wordt in Amerika nog steeds 90% van alle voorschriften afgehandeld aan een fysieke toonbank.

Eén van de meest gehoorde argumentaties pro CVS of haar collega's Walgreens Boots en Rite Aid is dat de markt van geneesmiddelen op voorschrift een zeer ondoorzichtige markt is die afhangt van reglementering, contracten en afspraken met dokters, verzekeringen,… .

Nu heb ik in mijn titel uiteraard ook wat overdreven. Als een aandeel zoals CVS op één dag 8% lager gaat lijkt dat een enorme paniekreactie, maar uiteindelijk op jaarbasis bedraagt de daling maar zo’n 20%.

Met enige zekerheid kan je zeggen dat een daling van 8% op één dag overdreven is op een bericht van een overname van een concurrent. Uiteindelijk bestond PillPack al, en net zoals we zien bij Whole Foods kan Amazon de business niet op één dag veranderen. En aan een koerswinstverhouding van nog geen 10 kunnen we ook niet zeggen dat er een overwaardering van CVS mee gemoeid was.

Maar is een daling van 20% op een jaar tijd ook onterecht gezien de reputatie van Amazon?

De vraag die beleggers in Amerikaanse apothekers zich vandaag moeten stellen is hoe sterk Amazon die markt kan veranderen, en hoe snel ze dit gaan kunnen.

Doemberichten over de ondergang van de apotheek vind ik flink overroepen. Maar dat wil ook niet zeggen dat ik vandaag er in zou investeren.

Amazon is gestart als een online boekenwinkel en heeft daar de markt flink door elkaar geschud. Uiteindelijk zijn niet alle fysieke boekenwinkels verdwenen, maar het landschap zal nooit meer hetzelfde zijn. En ook dat ging niet op 1 dag tijd.

Ondertussen is Amazon ook een ander bedrijf geworden. Ze kunnen werken met lage marges, hebben geen zware fysieke infrastructuur zoals de gewone apothekers en hebben het voordeel van technologische netwerk effecten. Om nog maar te zwijgen van de enorme hoeveelheden data van hun klanten waarover ze beschikken.

Jeff Bezos is ook een man met een plan en een lange termijnvisie. Hij doet een zet zoals deze niet zomaar. We mogen ook niet vergeten dat hij (met Amazon) een samenwerking is aangegaan met Berkshire Hathaway en JP Morgan om een onafhankelijk gezondheidszorg bedrijf op te richten voor hun personeel.

Weer een boeiend verhaal om te volgen op de beurs, maar ik doe het (voorlopig?) wel vanop de zijlijn.

Passief beleggen: Kijk mama, zonder mensen

Iedereen kent wel de filmpjes of foto’s van kinderen die aan het fietsen zijn en roepen “kijk mama zonder handen” om daarna te vallen. “Eerst zonder handen, daarna zonder tanden” zegden wij wel eens tegen onze dochters toen ze nog jonger waren.

Misschien een gek iets in een beursblad, maar dat was waar ik direct aan moest denken toen ik de nieuwe memo las van Howard Marks.

Zoals u weet volg ik verschillende bekende beleggers. Niet voor beleggingsideeën, want die geven ze niet weg, maar wel voor hun brieven aan hun aandeelhouders of klanten. Een van hen is Howard Marks, en hij schreef ook nu weer een mooie nota.

In deze nota gaat Marks in op de drie manieren van beleggen waarbij op de beurs de rol van de mens wordt ingeperkt: Het beleggen in indexfondsen en andere vormen van passief beleggen, kwantitatief en algoritmisch beleggen en artificiële intelligentie, ofwel robotbeleggers. De volledige nota kan u hier lezen (Engels). Ik ga wat dieper ingaan op het deel dat hij schreef over passief beleggen en ETF’s.

In het verleden heb ik zelf al eens aangegeven dat ik een enorm gevaar zie in het passief beleggen en de indexfondsen. Hoewel het idee heel goed is om periodiek te beleggen en met zo laag mogelijke kosten, is het gebruik vandaag erg doorgeschoten, en wordt er actief gehandeld in deze passieve fondsen,…

Howard Marks noemt indexbeleggen een “can’t lose but also a can’t win” strategie. Je kan namelijk door de lage kosten en het weinig handelen, het amper slechter doen dan de index, maar de keerzijde is natuurlijk ook dat je het niet beter kan doen.

Met indexbeleggen is uiteraard niets mis. Met de tijd werd deze methode populairder omdat de meeste actieve beheerders na kosten er niet in slagen de indexen te verslaan over lange periodes. Waarom dan nog proberen en niet voor de lage kosten gaan, denken veel beleggers. Kortom passief beleggen werd steeds populairder.

Maar de financiële industrie is natuurlijk slim en heeft een manier gevonden om ook hieraan iets te verdienen. Na de gewone indexfondsen kwamen de ETF’s. deze ETF’s kunnen eveneens een index volgen, maar deze kunnen ook zijn samengesteld volgens een vaste set regels.

Hierbij was het maken van de ETF een actief gebeuren, waarna later alles via deze vaste regels en passief werd behandeld. En zoals het steeds gaat in de financiële sector is dan snel het einde zoek. Zo krijg je zelfs ETF’s die enkel Bijbels verantwoordelijk beleggen,..

Wat is er nog passief aan het beleggen in ETF’s die zo nauw geselecteerd zijn? Hierbij moeten actieve beslissingen worden genomen.

In 2016 waren er wereldwijd 4779 ETF’s. Vorig jaar waren er 1929 ETF’s in Amerika, waarvan er 284 in dat jaar alleen werden gecreëerd.

De nieuwste trend zijn de ETF’s met een hefboom. Ook hier lijkt de enigste reden handelen, want waarom zou je als passieve belegger 2 of 3 keer zo hard willen stijgen of dalen dan de index?

Waar Marks op wijst is dat die passieve fondsen hun geld steken in indexen en andere benchmarks die zijn samengesteld waarbij de populairste aandelen ook het meeste gewicht krijgen, omdat ze de grootste bedrijven zijn (of worden). Stel dat een aandeel een gewicht heeft van 12% in een index, en een ander maar 1%, dan wordt bij elke €1000 die in de ETF die deze index volgt er voor €120 gekocht aan het eerste en slechts voor €10 van het tweede aandeel. Je kan je dan ook voorstellen dat aandelen die niet in een index voorkomen nog meer achterblijven.

Het gekke daarbij is dat actieve beheerders bepalen wat de populairste aandelen zijn en de rest volgt, waarbij deze populairste aandelen nog sneller stijgen en de rest nog meer achterblijft.

Dit werkt goed zolang er voldoende actieve beheerders zijn die hun onderzoek doen naar de onderliggende bedrijven en hun management. Maar wat als de meerderheid van het geld “passief” is en gewoon volgt?

Op dat ogenblik zullen we veel meer verkeerd geprijsde aandelen zien, zowel te duur als te goedkoop. Kortom een geweldig gegeven voor de actieve beleggers (zoals wij) om meer koopjes te kunnen doen. De vraag is enkel nog bij welk gewicht van de passieve fondsen wij deze voordelen echt gaan beginnen voelen. Daarnaast zullen we deze koopjes ook steeds meer moeten gaan zoeken bij de kleinere aandelen, want grote aandelen sukkelen makkelijk in zo’n ETF, vaak gewoon al door de omvang van de ETF zelf.

Beleggen, een heel leven lang

Bij het analyseren van Sofina kwam ik volgende quote van de voorzitter van de raad van bestuur, David Verey, tegen:

“Het werk van een belegger is nooit ten einde. Investeren is een ononderbroken activiteit. Graag brengen wij er op jaarbasis verslag van uit, maar het is en blijft een doorlopend verhaal.

Onze inspanningen van nu zullen zich vertalen in de resultaten van morgen. Voor elk van onze beslissingen zal alleen de tijd uitwijzen of wij uiteindelijk de meest verstandige keuzes gemaakt hebben” David Verey (voorzitter Sofina)

Persoonlijk vind ik dit heel mooi verwoord waar ik zelf ook vaak mee geconfronteerd word. Je wil elk jaar het liefst topresultaten neerzetten. Maar het is nu eenmaal eigen aan beleggen dat dat niet elk jaar zal lukken.

Je weet nooit op voorhand of je inschattingen die je maakt zullen worden behaald door het bedrijf, zullen overtroffen worden of dat je te positief gestemd was. Er kunnen gaandeweg flinke veranderingen optreden op technologisch gebied, alternatieve producten op de markt komen,… .

Als je dan op vaste tijdstippen een foto neemt, zoals bijvoorbeeld een jaarverslag voor Sofina, of de maandelijkse bespreking van de portefeuille in dit blad, dan vertellen de cijfers vaak niet het hele verhaal.

Emoties vs ratio

Zo kan het zijn dat er in de portefeuille een aantal posities zitten die zeer mooie rendementen laten zien, maar die op het einde zitten van hun houdbaarheid.

En aan de andere kant zit er misschien een aandeel in dat redelijk recent werd aangekocht en op 20% verlies staat.

Gevoelsmatig lijkt het dan alsof die aandelen met tientallen en soms honderden procenten winst ook de beste aandelen zijn van dat moment en die verliezer de slechtste.

Vaak is echter het tegendeel de waarheid. Het potentieel van de verliezer is vaak veel groter. En verstandelijk begrijpt iedereen dat wel, maar toch durven op de beurs emoties de bovenhand nemen.

Mensen worden verliefd op aandelen (de winnaars) en panikeren vaak bij verliezen.

Beleggen verveelt nooit

Het werk is nooit teneinde klopt ook 100%. Je bent inderdaad constant bezig met je beleggingen, is het niet om nieuwe aankoopkandidaten te vinden, dan is het wel het opvolgen van je huidige posities en veranderingen in de markt monitoren. Beleggen kan je je hele leven doen, zonder dat het ooit gaat vervelen.

En het is ook zo dat alle inspanningen die we vandaag leveren pas later vruchten zullen afwerpen, dat kan morgen zijn, maar ook pas binnen een jaar of zelfs nog langer.

Frustrerend voor mij is dat de lezers van SMART Capital al dat werk vaak niet zien. Enkel de beslissingen van een aan- of verkoop komen er in terecht. Pas als ik beslis een aandeel te kopen of verkopen, maak ik er een verslag van. Al het werk van (gedeeltelijke) analyses van tientallen andere bedrijven per jaar verdwijnt bij mij in de spreekwoordelijke schuif of prullenmand.

Of de beslissingen van aan te kopen, of ze in de schuif of prullenmand te deponeren, de juiste beslissingen waren, zal enkel de tijd uitwijzen.

Mijn beleggingen volgen via de social trading app Imprea

Vandaag heb ik eens iets anders voor u.

Enkele weken geleden werd Imprea gelanceerd. Imprea is een zogenaamde social trading app. Deze laat u toe om zelf te handelen op de beurs, maar ook om mensen te volgen of zelf gevolgd te worden.

Toen ik in januari de proefversie leerde kennen, wist ik meteen dat ik daar ook deel van wilde uitmaken. Waarom?

Mijn doel om indertijd een beursblad uit te geven was altijd in de eerste plaats om particuliere beleggers te helpen. Daarom geef ik niet alleen steeds zeer uitgebreide informatie over alle aandelen in SMART Capital, maar probeer ik ook steeds in het voorwoord mijn visie op de markten te vertellen en aan de lezer iets te leren (of voor sommigen hun aan iets te herinneren). Dat ik tegelijk met mijn passie ook mijn boterham kon verdienen tot mijn kapitaal groot genoeg zou worden om van te leven via mijn beleggingen, was mooi meegenomen natuurlijk.

Maar met een beursblad vielen er ook een hele hoop mensen buiten de boot. Ze hadden geen tijd om alles mee op te volgen, kenden niets van brokers en wilden geen fouten maken.

En daarin past Imprea dan weer geweldig. Het is een heel simpele app, en met de druk op een knop kan je makkelijk iemand zijn trades volgen, terwijl je toch zelf de beslissingen neemt. Het is niet zoals bij vele andere systemen waar je instapt en daardoor elke trade moet volgen. Neen, je kan per individueel order volgen of beslissen om dat aandeel niet te kopen.

En zo wil ik het ook, iedereen baas over zijn beleggingen.

Nu ben ik een van de zogenaamde guru’s op deze app die je kan volgen. Het woord guru vind ik vreselijk, ik ben gewoon iemand die gepassioneerd bezig is met de beurs en met mijn abonnees deel hoe ik mijn eigen portefeuille beheer. Uiteraard ben ik wel trots op mijn resultaten.

Op Imprea ga ik zelf ook beleggen, en ik heb daar momenteel €20.000 voor klaargezet om een nieuwe portefeuille te starten. Deze portefeuille zal uiteraard bestaan uit de aandelen van SMART Capital (de aandelen uit het spaarplan worden niet mee opgenomen, omdat dit zoals het woord zegt een spaarplan is).

Van zodra u een beleggersrekening hebt geopend bij Imprea kan u mensen volgen. (Momenteel werkt dit enkel nog maar op Apple iOS, de Android versie is in de maak).

Om mij te kunnen volgen moet je naast gebruiker van Imprea ook abonnee van SMART Capital zijn (klik hier om abonnee te worden). Dit omdat ik wil dat iedereen geïnformeerd is voor hij/zij een aandeel koopt of verkoopt en mijn manier van werken moet begrijpen.

Momenteel ben ik bewust nog niet gestart met handelen, dit zal ik pas beginnen doen vanaf volgende week (20 juni), zodat iedereen meteen mee kan volgen als ze willen.

Oh ja, ze hebben ook een kort interview met me afgenomen dat u hier kan vinden. (u kan via deze link ook uw beleggingsrekening openen bij Imprea)

Lage Rente, wind in de rug of wind op kop op de beurs?

Twee weken geleden schreef ik over de 4% regel. Zoals ik toen ook al schreef is dit eerder een vuistregel en geen vast plan, maar wel een leuke om eens de oefening mee te doen of je al zou kunnen rentenieren of niet.

Deze regel gaat uit van een 7% rendement op je beleggingen, en dit in een gedeelde portefeuille tussen obligaties (staatsbons) en aandelen.

Maar is bij de huidige lage rente die 7% wel haalbaar?

En wat met het historische rendement van aandelen, mogen we in de toekomst nog hetzelfde verwachten als in het verleden?

Zoals ik toen ook al schreef zie ik vandaag bij de huidige rentestanden geen reden om te beleggen in obligaties, zelfs niet voor de korte termijn. De vraag of we van aandelen nog hetzelfde rendement mogen verwachten als in het verleden is een vraag die me veel meer bezig houdt.

Maar ook die vraag brengt me terug bij de rente. Een argument dat ik al vaak tegen heb gekregen als ik over beleggen op de beurs en mijn eigen rendementen, is dat ik het geluk heb gehad om in een periode te zitten waarbij de rentes constant daalden.

Deze dalende rente zorgden er voor dat niet alleen de bedrijven goedkoper konden gaan lenen zodat ze meer winst overhielden, maar ook de consumenten meer krediet aangingen om te consumeren. Wat opnieuw hogere bedrijfswinsten opleverde.

Voor mij is het moeilijk om daar tegen te argumenteren. Ik ben geboren in 1980, de zeer hoge piek in de interesten die tijdens de jaren ‘80 vielen ken ik dan ook enkel uit verhalen van mijn vader. Ik ken inderdaad niets anders dan steeds dalende interesten.

Als je dan ook maar een 30 of 40 jaar teruggaat, dan zie je inderdaad dat we vandaag in een periode leven van zeer lage rente. En let op, de interest zou volgens Business Insider zelfs de laagste zijn van de afgelopen 5000 jaar.

laagste rente in 5000 jaar

Opvallend is echter dat ook na de grote crisis van de jaren 1930 de interesten heel laag waren, een periode die meer dan 10 jaar heeft geduurd.

Hierna begonnen de interesten aan een waanzinnige klim tot een niveau dat we in onze tijd zogezegd enkel kenden voor Christus. Wat was dan de uitzondering? De jaren 1980, of nu? Zijn de belachelijke lage interesten van nu niet gewoon een tegenreactie van toen? En gaan we misschien niet stabiliseren op een naar historisch perspectief gezien normaal niveau van tussen de 3% en 6%?

Maar nog belangrijker, wat deed de beurs in deze periode?

S&P500 van 1950 tot 2016

Je ziet inderdaad een enorme versnelling in de stijging van de beurs sinds eind jaren ‘80. Maar ook in de jaren dat de interest steeg zien we een stijgende beurs, de vorige dip was tenslotte rond 1950.

Met andere woorden de beurs kan stijgen met stijgende en dalende interesten. Moeten we dan geen andere oorzaken gaan zoeken in de veel hogere pieken en dalen die zich lijken te vormen de afgelopen 20 jaar? Ik denk bijvoorbeeld aan doorgedreven automatisering en de doorbraak van de pc, als motoren van de bedrijfswinsten.

En ik denk ook aan de uitbreiding van de financiële sector als zijnde de reden van de veel forsere onder- en overwaarderingen die dan ook deze forse schommelingen met zich meebrengen.

Voorzichtig met schulden!

Waar ik wel voorzichtig mee ben zijn de schulden van de bedrijven. Want zelfs al keren de interesten terug tot op een historisch niveau, dan betekent dit nog steeds een verdubbeling. Ik verkies dan ook bedrijven met weinig schulden, waar een verdubbeling van de interestkosten de winsten niet zullen wegvegen.

Rustig aan op de beurs en je bereikt je doel sneller

Een Belg heeft een baksteen in zijn maag. Tenminste zo luidt het spreekwoord.

En hoewel vandaag de rendementen op vastgoed vaak bedroevend laag zijn, verkiest de meerderheid van de Belgen nog steeds vastgoed (een eigen huis, een appartement om te verhuren,…) boven beleggen op de beurs.

Nu ben ik zelf ook een voorstander van vastgoed als belegging. Maar vandaag een nieuwe opbrengsteigendom kopen, vind ik niet echt meer aan de orde. De verhouding risico ten opzichte van rendement is vandaag niet optimaal. Of anders, de vastgoedprijzen zijn te hoog ten opzichte van de potentiële huurgelden. De discussie of vastgoed dan te duur is of de huurgelden te laag, die laat ik aan een ander over.

Enkel in retail en logistiek vastgoed kan je nog wel een mooi rendement halen, maar dat is vaak niet voor gewone beleggers weggelegd. Daarom doen wij dit via de beurs.

Maar waarom houden zoveel mensen toch vast aan het vastgoed?

De reden is eigenlijk simpel. Zelf hebben ze er meestal nog nooit geld aan verloren, en ook in hun omgeving zien ze misschien wel lage rendementen, maar verlies en horror scenario’s alla Dexia, Fortis, Lenard & Hauspie of Imtech kennen ze wel op de beurs, via het nieuws, maar kennen ze niet in vastgoed.

Eerder haalde ik al aan dat de langetermijnvisie bij vastgoed daar zeker voor iets tussen zit. Maar eigenlijk is nog een heel simpele verklaring waarom mensen vaak geld verdienen met vastgoed, maar op de beurs net geld verliezen.

Ze spenderen maanden naar het zoeken van een huis/opbrengsteigendom, maar slechts enkele minuten naar een belegging op de beurs.

En dat doe ik nu net niet. Een belegging wil je niet overhaasten.

 

PS: Benieuwd naar welke aandelen ik in portefeuille heb? De abonnees van SMART Capital kennen ze allemaal.

De 4% regel, gerust rentenieren

Enkele weken geleden passeerde de 4% regel in mijn tijdlijn op Facebook.

Voor diegenen die net als ik er nog nooit van gehoord hebben, vat ik het even kort samen.

De 4% regel slaat op wat je elk jaar “veilig” uit je vermogen zou kunnen opnemen en toch je kapitaal zou kunnen behouden. Kortom hoe je veilig zou kunnen rentenieren.

Natuurlijk werkt deze regel ook niet altijd, je hebt tenslotte heel slechte periodes op de beurs, hyperinflatie,… Maar met deze regel ben je redelijk zeker (95% kans volgens de studies) dat je op zijn minst 30 jaar verder kan (inclusief aanpassing voor inflatie) en niet zonder geld zou vallen.

Het wordt dan ook wel het “veilige opnamepercentage” genoemd.

Kapitaal op peil houden

Deze regel komt eigenlijk al uit onderzoek van financieel planner William Bengen begin 1990, maar werd pas echt bekend met de Trinity Study van drie professoren van de Trinity Universiteit in 1998.

Als je er meer over wil weten, raad ik je zeker aan dit even te googlen, maar heel kort samengevat werkt deze als volgt;

Ze gaan uit van een gemiddeld jaarlijks rendement van 7%. Dit in een verdeling van 60-40 of minimaal 50-50 tussen aandelen en obligaties. 3% wordt opzij gezet om de inflatie bij te houden, en daarmee kan je 4% gebruiken om van te leven.

Volgens deze theorie zou je kapitaal zelfs voor altijd op peil moeten blijven.

Of deze 7% realistisch is of niet, gezien de verdeling, daar wil ik het niet over hebben. Ik stel mezelf daarbij de vraag wat het nut is van de obligaties als we over zulke lange termijnen spreken. Behalve dan wat je nodig hebt om op korte termijn van te leven, zou ik persoonlijk enkel voor aandelen en vastgoed gaan.

Ook de problemen die kunnen opduiken door de volatiliteit in de markt, wat de impact is van een slecht startmoment, en of we ook in de toekomst nog gemiddeld 7% mogen verwachten van een verdeling 60-40, zijn zaken waar meer onderzoek naar nodig zou zijn, moest je volgens deze regel willen gaan leven.

Wanneer kan jij rentenieren?

Waar ik het wel even over wil hebben is de oefening die je daarbij kunt maken.

Ik kende de 4% regel nog niet omdat mijn focus vooral lag op de opbouw van vermogen. Maar het deed me wel even nadenken over het “rentenieren”.

Allereerst moet je natuurlijk even goed je uitgaven van nu, en wat je eventueel in de toekomst nog wil doen, oplijsten. Pas als je weet wat je jaarlijks zal uitgeven, kan je ook bepalen hoeveel vermogen je daarvoor nodig hebt.

Stel dat ik jaarlijks €40.000 nodig heb om aan al mijn noden en verplichtingen te voldoen, dan heb ik volgens de 4% regel €1 miljoen nodig op mijn bankrekening. Zoals steeds laat ik het eigen huis buiten beschouwing. Wil je wat veiliger rekenen, dan zou je kunnen zeggen dat je maar 2,5% wil opnemen. Dan zou je €1,6 miljoen nodig hebben.

En van zodra je dat bedrag kent, kan je beginnen rekenen hoe lang je nog moet werken, sparen en beleggen om tot aan dat bedrag te komen? Vanaf wanneer kan jij rentenieren?

En dit is een oefening die ik iedereen aanraad om eens te maken.

Ik moet niet werken tot mijn 67! (maar wil het nog veel langer)

Ik kan in elk geval zeggen dat ik, dankzij het mooie rendement dat ik haal op mijn beleggingen, niet zal moeten werken tot mijn 67. Ook niet tot mijn 57 en zelfs niet,…  (je kan mijn beleggingen volgen via SMART Capital)

Ik doe wat ik doe met enorm veel passie. Ik ga elke dag fluitend naar het werk, zoals Warren Buffett het zou zeggen, maar toch is het een enorme gemoedsrust in tijden waarbij de pensioenleeftijd fors omhoog moet. Als de overheid tegen dan zelfs nog een pensioen kan uitbetalen.

Voor nu kan ik me niet inbeelden dat ik ooit met pensioen zou gaan. Ik wil blijven beleggen en opnieuw zoals Buffett liefst tot enkele jaren na mijn afscheid van deze wereld. Ik hoop evenveel tijd te krijgen als Buffett om volop te kunnen genieten van de kracht van samengestelde intrest. Voor mij voelt het al 80% van de tijd aan alsof ik aan het rentenieren ben.

Het probleem van Value beleggen

Het probleem van value beleggen is geen geheim

Een bekende zegswijze bij beleggers is “probeer geen vallend mes te vangen”.

Een value belegger zijn (laag kopen, hoog verkopen) wil in essentie zeggen dat je tegen de stroom in moet roeien. Om andere resultaten te halen moet je ook anders handelen.

Vaak is een aandeel gehaat op de beurs voor goede redenen – de zaken gaan niet goed.

Daarbij is het goed om aandelen te kopen waarvan men denkt dat deze het moeilijk hebben, maar waar dit eigenlijk niet echt zo is. Of waar de moeilijkheden buiten proportie worden opgeblazen.

Het kan ook zijn dat het aandeel nog niet ontdekt is.

Meestal als een aandeel ongeliefd is vinden we lage waarderingen zoals een lage koerswinst verhouding, lage koersboekwaarde of een hoge vrije cashflow ten opzichte van de beurskoers.

De moeilijkheid waar wij als value beleggers dan voor staan is in te schatten of het probleem tijdelijk is of niet. Of is er iets fundamenteels gewijzigd in de markt, management,…

Is het een aandeel dat rijp is voor een heropleving, of is het inderdaad een vallend mes.

Technische analisten zouden hierbij wachten op een opleving van de beurskoers. Maar wie zegt dat dat een goed teken is. Het kan ook een zogenaamde “dead cat bounce” zijn.

Soms mag je ook zoveel onderzoek doen als je wil en kan je nog steeds de vraag niet beantwoorden of het een vallend mes is, of een onbegrepen aandeel.

Het gevolg hiervan is dat je van tijd tot tijd foute beslissingen zal nemen.

Je zal een aandeel kopen dat een vallend mes is. Je zal een aandeel dat een vallend mes lijkt misschien verkopen om dan achteraf te constateren dat het toch allemaal zo erg niet is en het toch een onbegrepen aandeel was.

Je kan ook een vallend mes verkopen, net voor de dead cat bounce en dan lijkt het soms een hele tijd alsof je het bij het verkeerde eind had.

Ondanks dit “probleem” is value beleggen nog steeds de meest lucratieve beleggingsmethode gebleken op de lange termijn. Vooral de margin of safety speelt hierin een cruciale rol.

En ook verkopen als je je fout inziet is van belang. Een verlies van 30% is nog altijd beter dan een verlies van 50% of 80% . Bij een verlies van 30% moet je 43% stijgen om dit terug goed te maken, bij 50% is dat al een stijging van 100%, bij een daling van 80% moet je al 400% terug stijgen.

Daarnaast is er niets dat zegt dat je het verlies moet goedmaken met hetzelfde aandeel. Of met de woorden van Warren Buffett:

“Als je ontdekt dat je in een chronisch lekkende boot zit, is het beter om je tijd en energie te besteden aan het zoeken naar een nieuwe boot, dan aan het dichten van het lek.”

Lange termijn denkers zijn de beste beleggers en managers!

Het is alweer meer dan een halfjaar geleden dat ik nog eens flink gezeurd heb over het denken op lange termijn.

Onze abonnees die al wat langer SMART Capital lezen, kennen het ondertussen al wel. Telkens bij de kwartaalresultaten word ik wat ongemakkelijk van het kortetermijndenken waardoor de beurs dan weer even wordt gestuurd.

Succesvolle beleggers

De langetermijnvisie is in mijn ogen nochtans dat waar wij als particuliere beleggers ons mee kunnen onderscheiden ten opzichte van zovele andere deelnemers op de beurs.

De drie zaken die een belegger succesvol maken zijn volgens mij:

  1. Emotionele stabiliteit
  2. Langetermijnvisie
  3. Gezond verstand

De emotionele stabiliteit is prioriteit nummer 1. Als je deze namelijk mist bij het beleggen, dan ga je verkeerde keuzes maken. Hoe intelligent je ook mag zijn. Ik ken persoonlijk meerdere doctors en ingenieurs die bij het beleggen flink geld zijn verloren, hoewel ze uiterst intelligent zijn. Telkens was dit terug te brengen tot controle over hun emoties.

Natuurlijk heb je een gezonde dosis verstand nodig. Het is tenslotte heel belangrijk dat je begrijpt wat een bedrijf doet, hoe het winst maakt, en dat je doorheen de boekhoudkundige trucjes kan kijken van sommige bedrijfsleiders.

Maar je hoeft absoluut geen genie te zijn om succesvol te kunnen beleggen. Daarom staat langetermijnvisie bij mij dan ook hoger op het lijstje.

Met de juiste visie komt normaal ook een plan. En met dat plan is het weer makkelijker om uw emotionele stabiliteit te bewaren. Wil dat zeggen dat je niet af en toe in een aandeel mag handelen om een snelle winst te pakken?

Absoluut niet, maar zorg er wel voor dat het in je langetermijnplan past.

Succesvolle managers

En als je mij zou vragen wat de drie belangrijkste eigenschappen zijn van een goed management, dan zal je merken dat twee zaken terug komen.

  1. Integriteit
  2. Langetermijnvisie (en plan)
  3. Dosis gezond verstand

Uiteraard wil je dat het management waar je je geld aan toevertrouwt, eerlijk en integer is.

Warren Buffett zei hierover ooit het volgende:

“Als je iemand wil inhuren, zoek dan naar drie eigenschappen: integriteit, intelligentie en inzet. Als de persoon de eerste eigenschap niet heeft, dan zullen de twee anderen je kapot maken. Als je iemand inhuurt zonder integriteit, dan heb je ze liever lui en dom”

En ook hier is het best dat er een gezonde dosis verstand aanwezig is. Zeker bij beursgenoteerde bedrijven komt er toch heel wat bij kijken om deze te leiden, en dan wil je er vanop aan kunnen dat hij of zij het baas kan.

Het tweede punt is er één waar ik zelf misschien nog te weinig rekening mee hield. Nochtans lagen de bewijzen altijd recht voor mijn neus.

Zo zijn er tal van studies die uitwijzen dat familiebedrijven gemiddeld beter presteren. De reden hiervoor is duidelijk. Wat zij doen, doen ze niet meer voor zichzelf. Vaak hebben ze meer dan genoeg geld. Maar zij werken om voor de volgende generaties te zorgen. Zij denken op lange termijn.

En onlangs werd me duidelijk dat ook Jeff Bezos van Amazon hier het verschil maakt met vele andere tech ondernemers van zijn generatie. En dat dit ook de reden is dat Amazon net als Google één van de bedrijven is die zo sterk gegroeid zijn en overlevers waren van de dotcombubbel.

Bekijk zeker ook eens deze video. Ook zijn brieven aan de aandeelhouders zijn de moeite om te lezen.

Het langetermijndenken bij het management zal in de toekomst een zwaarder gewicht krijgen om te bepalen tot welke categorie een bedrijf behoort binnen onze kernselectie.

Als iemand tips heeft over echte langetermijndenkers, je mag ze me altijd laten weten!