Focus op wat er echt toe doet bij beleggen

Is de crisis in Turkije het dominosteentje dat een einde maakt aan de stijging van de beurzen?

Hoewel dit jaar de stijging nog vooral in de V.S. te vinden is en minder bij ons, zit zowat elke belegger die ik ken te wachten op de volgende serieuze correctie. Sommigen hopen zelfs op een flinke crash.

Als ik de cijfers zie van de bedrijven, dan denk ik niet dat een echte crash al voor de deur staat. De markten zijn niet goedkoop, maar de cijfers van de bedrijven zijn ook nog steeds goed.

Dat de beleggers ondertussen nerveus beginnen worden is duidelijk wanneer bedrijven die eigenlijk niet zo’n slechte cijfers of zelfs goede cijfers voorleggen een pandoering krijgen van 20%, gewoon omdat de verwachting nog hoger was.

Kortom, een crash is misschien nog niet meteen aan de orde, maar een stevige correctie zou ons goed doen. Even terug met de voeten op de grond.

Want persoonlijk twijfel ik sterk of vandaag alle beleggers nog wel beseffen dat de beurs ook achteruit kan gaan. Een ander vermoeden van mij dat de beleggers terug veel te weinig kijken naar wat er echt toe doet bij een bedrijf, namelijk de winst en de vrije cashflow werd vorige week bevestigd door een artikel in de Tijd met titel “Winstcijfers steeds meer irrelevant voor beleggers”.

Onderzoek van Deutsche Bank geeft aan dat de winstcijfers steeds minder de grote koersbewegingen verklaren..

Een paar weken geleden schreef ik al over Facebook. Het aandeel duikelde 20% lager hoewel de cijfers nog geweldig waren, maar de markt toch teleurgesteld was.

De reden voor deze daling was de vertraging in de groei van het aantal gebruikers, of beter gezegd de maandelijks actieve gebruikers.

Nu ligt het ook deels aan de bedrijven dat de focus op andere parameters ligt die zij zelf vaak verkiezen. Zo startte Facebook de presentatie met deze maandelijkse gebruikers om pas veel later (slide 10) iets over de winst te zeggen. Maar Facebook is daarmee niet alleen. Veel bedrijven spreken in de highlights van de cijfers over EBITDA, REBITDA, aangepaste EBITDA, aangepaste winst,…

De feitelijke cijfers die er echt toe doen moeten we dan vaak zelf gaan zoeken in de jaarrekening die ergens achteraan staat tussen de kleine lettertjes,… Voor mij niet gelaten, maar veel beleggers laten hun eerste indruk sterk bepalen door wat het bedrijf in de highlights publiceert.

EBITDA (winst voor interesten, belastingen, afschrijvingen en waardeverminderingen) is ondertussen een algemeen bekend begrip in de beleggingswereld, hoewel het in de jaarrekening niet voorkomt. Persoonlijk heb ik het er niet voor. Ofwel wil ik de operationele winst kennen, ofwel de vrije cashflow, niet iets zoals de EBITDA die er tussen ligt. En wat er uiteindelijk voor ons als belegger nog het meeste toe doet op lange termijn, is de nettowinst per aandeel (WPA).

Op kortere termijn is de WPA niet altijd een goede maatstaf omdat deze sterk beïnvloed kan worden door éénmalige kosten en opbrengsten, vandaar dat de operationele winst en vrije cashflow uiteraard ook heel belangrijk blijven. Maar op lange termijn is het wel de stijging in WPA die uiteindelijk ook de waarde van het aandeel zal doen toenemen.

Passief beleggen: Kijk mama, zonder mensen

Iedereen kent wel de filmpjes of foto’s van kinderen die aan het fietsen zijn en roepen “kijk mama zonder handen” om daarna te vallen. “Eerst zonder handen, daarna zonder tanden” zegden wij wel eens tegen onze dochters toen ze nog jonger waren.

Misschien een gek iets in een beursblad, maar dat was waar ik direct aan moest denken toen ik de nieuwe memo las van Howard Marks.

Zoals u weet volg ik verschillende bekende beleggers. Niet voor beleggingsideeën, want die geven ze niet weg, maar wel voor hun brieven aan hun aandeelhouders of klanten. Een van hen is Howard Marks, en hij schreef ook nu weer een mooie nota.

In deze nota gaat Marks in op de drie manieren van beleggen waarbij op de beurs de rol van de mens wordt ingeperkt: Het beleggen in indexfondsen en andere vormen van passief beleggen, kwantitatief en algoritmisch beleggen en artificiële intelligentie, ofwel robotbeleggers. De volledige nota kan u hier lezen (Engels). Ik ga wat dieper ingaan op het deel dat hij schreef over passief beleggen en ETF’s.

In het verleden heb ik zelf al eens aangegeven dat ik een enorm gevaar zie in het passief beleggen en de indexfondsen. Hoewel het idee heel goed is om periodiek te beleggen en met zo laag mogelijke kosten, is het gebruik vandaag erg doorgeschoten, en wordt er actief gehandeld in deze passieve fondsen,…

Howard Marks noemt indexbeleggen een “can’t lose but also a can’t win” strategie. Je kan namelijk door de lage kosten en het weinig handelen, het amper slechter doen dan de index, maar de keerzijde is natuurlijk ook dat je het niet beter kan doen.

Met indexbeleggen is uiteraard niets mis. Met de tijd werd deze methode populairder omdat de meeste actieve beheerders na kosten er niet in slagen de indexen te verslaan over lange periodes. Waarom dan nog proberen en niet voor de lage kosten gaan, denken veel beleggers. Kortom passief beleggen werd steeds populairder.

Maar de financiële industrie is natuurlijk slim en heeft een manier gevonden om ook hieraan iets te verdienen. Na de gewone indexfondsen kwamen de ETF’s. deze ETF’s kunnen eveneens een index volgen, maar deze kunnen ook zijn samengesteld volgens een vaste set regels.

Hierbij was het maken van de ETF een actief gebeuren, waarna later alles via deze vaste regels en passief werd behandeld. En zoals het steeds gaat in de financiële sector is dan snel het einde zoek. Zo krijg je zelfs ETF’s die enkel Bijbels verantwoordelijk beleggen,..

Wat is er nog passief aan het beleggen in ETF’s die zo nauw geselecteerd zijn? Hierbij moeten actieve beslissingen worden genomen.

In 2016 waren er wereldwijd 4779 ETF’s. Vorig jaar waren er 1929 ETF’s in Amerika, waarvan er 284 in dat jaar alleen werden gecreëerd.

De nieuwste trend zijn de ETF’s met een hefboom. Ook hier lijkt de enigste reden handelen, want waarom zou je als passieve belegger 2 of 3 keer zo hard willen stijgen of dalen dan de index?

Waar Marks op wijst is dat die passieve fondsen hun geld steken in indexen en andere benchmarks die zijn samengesteld waarbij de populairste aandelen ook het meeste gewicht krijgen, omdat ze de grootste bedrijven zijn (of worden). Stel dat een aandeel een gewicht heeft van 12% in een index, en een ander maar 1%, dan wordt bij elke €1000 die in de ETF die deze index volgt er voor €120 gekocht aan het eerste en slechts voor €10 van het tweede aandeel. Je kan je dan ook voorstellen dat aandelen die niet in een index voorkomen nog meer achterblijven.

Het gekke daarbij is dat actieve beheerders bepalen wat de populairste aandelen zijn en de rest volgt, waarbij deze populairste aandelen nog sneller stijgen en de rest nog meer achterblijft.

Dit werkt goed zolang er voldoende actieve beheerders zijn die hun onderzoek doen naar de onderliggende bedrijven en hun management. Maar wat als de meerderheid van het geld “passief” is en gewoon volgt?

Op dat ogenblik zullen we veel meer verkeerd geprijsde aandelen zien, zowel te duur als te goedkoop. Kortom een geweldig gegeven voor de actieve beleggers (zoals wij) om meer koopjes te kunnen doen. De vraag is enkel nog bij welk gewicht van de passieve fondsen wij deze voordelen echt gaan beginnen voelen. Daarnaast zullen we deze koopjes ook steeds meer moeten gaan zoeken bij de kleinere aandelen, want grote aandelen sukkelen makkelijk in zo’n ETF, vaak gewoon al door de omvang van de ETF zelf.

Jaarlijkse grote schoonmaak in de aandelenportefeuille

De lezers die me al wat langer volgen, weten ondertussen dat ik elk jaar een keer met de fijne kam door de portefeuille ga, ik vergelijk het graag met een grote schoonmaak waarbij alle kasten nog eens uitgeladen worden.

Kort na de publicatie van de jaarcijfers is een ideale periode. Dit jaar zal deze oefening iets meer gespreid verlopen als andere jaren omdat ik nu ook al volop bezig ben met de voorbereidingen en analyses voor het nieuwe SMART Formula rapport dat op 3 april zal verschijnen.

Het is zeer zinvol voor iedereen om jaarlijks de portefeuille eens goed door te lichten. Dit is wat ik doe.

Jaarlijkse doorlichting van de aandelenportefeuille

In de eerste plaats maak ik een inventaris van wat ik al bezit. Zeker handig als je meerdere brokers gebruikt. En dit lijst ik op van grootste belang in mijn portefeuille naar het kleinste.

Daarna bekijk ik als eerste de aandelen/bedrijven die het meeste gewicht hebben in de totale portefeuille, zeg maar de top 5.

Hoe staan deze er voor? Zijn er veranderingen geweest het afgelopen jaar die de waarde hebben aangetast? Of zijn ze misschien te snel gestegen. Wat is mijn visie op de middellange termijn voor deze bedrijven en hun sectoren?

Hou ik deze zaken aan uit overtuiging van hun rendement voor de toekomst, of is het omdat ik er geen afstand van kan doen?

Zijn in deze groep van aandelen er bedrijven bij waar ik minder van overtuigd ben dan eerder, dan ga ik deze nogmaals en extra binnenstebuiten keren. Wanneer ik een aandeel binnenstebuiten keer, dan wil dat zeggen dat ik eigenlijk op zoek ga naar alle mogelijke redenen om het bedrijf niet te bezitten. Net hetzelfde als wat ik doe voor ik een aandeel koop.

Wees niet bang om te verkopen!

Kom ik een bedrijf tegen waar de overtuiging tanende is, dan komt deze op de “te verkopen” lijst.

Afhankelijk van de onderwaardering en eventuele koopwaardige alternatieven kan ik snel tot verkoop overgaan, of blijft het aandeel nog even in de portefeuille hangen.

Een voorbeeld hiervan is Colruyt waar ik meer dan 10 jaar aandeelhouder van was. Maar op een bepaald ogenblik was ik niet meer overtuigd dat de margedruk niet te sterk zou worden. In 2015 verkocht ik aan €46. Niet dat ik het bedrijf niet meer als een goed bedrijf beschouw(de), maar de prijs was niet meer ok ten opzichte van de vooruitzichten.

Wees niet bang om bij te kopen!

Een andere vraag die ik me stel, is of ik van de aandelen waar ik nog wel 100% van overtuigd ben ook voldoende bezit. Soms zitten de beste koopjes al in je eigen portefeuille!

Vaak is er bij de top 5 niet veel spannends te beleven. Tenslotte is ons doel om de bedrijven door en door te kennen en zitten deze vaak het langste in portefeuille. Leuker wordt het dan als je de volgende 5 tot 8 aandelen gaat bekijken, opnieuw gemeten naar gewicht in de portefeuille.

Op deze aandelen pas ik dezelfde vragen en werkwijze toe. Het verschil is dat hier een aandeel waar ik niet meer van overtuigd ben er sneller uitgaat, ook als deze nog ondergewaardeerd is.

Wat vaak voorkomt is dat ik ontdek dat bij deze “subtoppers’ er enkele bij zijn, waar ik meer potentieel in zie dan in de aandelen die in de top 5 zitten.

Een goede allocatie van uw kapitaal

Op dat ogenblik moet ik stappen zetten en de allocatie van mijn geld aanpassen. Dit kan zijn door enkel meer geld te beleggen in de aandelen waar ik meer potentieel in zie, maar het kan ook zijn dat ik een top 5 positie dan deels of zelfs volledig verkoop, zoals Colruyt.

Ook de aandelen met het minste gewicht in de portefeuille verdienen evenveel aandacht. Opnieuw worden dezelfde stappen doorlopen. Deze aandelen zijn vaak de kweekvijver van toekomstige grotere posities. Net zoals GBL dit toepast.

In uitzonderlijke gevallen kom ik dan aandelen tegen waar ik me eigenlijk niet meer kan herinneren waarom ik deze kocht, of waar na een jaar blijkt dat ik me in bepaalde zaken heb vergist. Deze gaan er dan stante pede uit.

En na de grote schoonmaak is er dan weer voldoende plaats voor nieuwe aandelen, want ook in een dure markt zijn er koopjes te vinden.

De Kunst van Discipline bij Beleggen

De helft van het leven is geluk; de andere helft is discipline, en dat is de belangrijke helft, want zonder discipline zou je niet weten wat te doen met geluk” – Carl Zuckmayer (Duitse schrijver)

Warren Buffett zei ooit dat de belangrijkste karaktereigenschap van een belegger zijn temperament is, hoe hij handelt in verschillende situaties, niet zijn intellect.

Met andere woorden, als je een belegger bent, dan zal je gedrag een grotere rol spelen in je succes dan je talent.

Het is keer op keer opnieuw bewezen dat de ergste vijand die een belegger kan hebben, zijn emoties zijn.

Tijdens een stierenmarkt zijn je ergste vijanden hebzucht en jaloezie. Tijdens een berenmarkt zijn deze angst en paniek. Niet het stijgen of dalen van de aandelenprijzen. Wat je het meeste pijn kan doen is je onkunde om je emoties in bedwang te houden.

Het gaat allemaal over de discipline in je gedrag als anderen rondom jou ofwel manisch worden (tijdens een stierenmarkt) of depressief (tijdens een berenmarkt).

Om een gedisciplineerde belegger te zijn is het belangrijk om te begrijpen dat beren- en stierenmarkten onvermijdbaar en onvoorspelbaar zijn qua timing, lengte en diepte (of hoogte).

Een ander belangrijk gegeven is om in te zien dat de wereld nooit zo donker is als deze lijkt tijdens een berenmarkt, of nooit zo rooskleurig als tijdens een stierenmarkt.

De laatste keer dat onze discipline nog eens echt werd getest was in 2011 toen we een correctie kregen na de stijgingen die op de crisis van 2008 volgden.

Met andere woorden, er is nu weer een hele reeks nieuwe (= na 2011 begonnen) beleggers actief die nog niet weten hoe ze zullen reageren als de beurs nog eens stevig zakt. Het is tenslotte niet makkelijk om kalm te blijven als je je aandelen met 20-30% ziet dalen in slechts twee maanden.

Het is echter enkel in deze periodes dat de slimme beleggers zich klaarmaken om geld te verdienen. Alleen die beleggers die hun emoties onder controle kunnen houden en de ruis op de beurs kunnen negeren zullen nu voldoende cash bewaren om te kunnen profiteren wanneer de volgende crash komt en zullen tijdens deze crash ook kopen.

Succesvolle beleggers hebben discipline

Discipline vormt de ruggengraat van de succesvolle belegger. Gedisciplineerd zijn betekent dat je toegewijd bent aan jou studies en analyses zodat je altijd voorbereid bent (om op tijd te kopen of verkopen).

In het Engels is er de bekende uitspraak “There is no such thing as a free lunch”. Succesvolle beleggers laten vorige slechte beleggingsbeslissingen niet in hun weg staan, en jij zou dat ook niet moeten doen. Het gaat er niet om dat je een keer een aandeel kocht dat daarna daalde, of een aandeel dat enorm steeg hebt gemist, of dat je te vroeg verkocht.

Als je weet hoe je goed moet beleggen (door ondergewaardeerde aandelen te kopen met een veiligheidsmarge), dit gedisciplineerd doet en hier aan toegewijd bent, dan is dat je weg naar succes.

Stel jezelf de vraag

Als je tijdens onzekere tijden bang bent om te beleggen, stel jezelf dan deze vraag: Heb ik veel excuses om nu niet te beleggen, of heb ik meer discipline.

Stel jezelf deze vraag vaak, ook nu wanneer de beurzen niet meer zo goedkoop zijn. Als je twijfelt aan een aandeel, beleg er dan niet in, maar laat de onzekerheid van de beurzen algemeen geen struikelblok zijn.

Onthoud, niet geschoten is altijd mis. Het wachten aan de zijlijn tot de perfecte tijd om te starten met beleggen voorbij komt, is geen winstgevend plan.

Het spel blijven spelen, is en zal altijd de manier zijn om winst te maken.

Wees niet bang om te beleggen, maar als je net start, doe het dan met goede begeleiding.

Als je gedisciplineerd bent en niet in de vele emotionele vallen trapt, dan kan beleggen op de beurs je op weg zetten naar welvarendheid voor de rest van je leven.

Diversificatie of Concentratie

De tweestrijd tussen concentratie of diversificatie van mijn portefeuille is iets wat me nog vaak bezig houdt. En het is ook één van de zaken die het moeilijkste zijn om over te brengen aan nieuwe beleggers.

Vaak hebben ze de quote gehoord van Buffett dat zegt “houd al je eieren in één mand, maar houd deze mand goed in het oog”, en vatten ze dit op als een signaal om een geconcentreerde portefeuille aan te leggen. Maar is dat wel een goede strategie?

Ja en neen, alles hangt af van met welk type aandelen je je mandje vult.

Aan de ene kant wil ik niet enkel een aantal goedkope aandelen bezitten, maar waarvan de onderliggende bedrijven niet erg goed zijn. Maar het kunnen wel leuke beleggingsopportuniteiten zijn als ze genoeg bescherming bieden, bijvoorbeeld door het geld en de activa die hoger is dan de beurskoers. Als ik zulk type van aandelen heb, dan zal ik gaan voor diversificatie.

Aan de andere kant ben ik bereid om in mijn portefeuille 10% tot zelfs 20% in één aandeel te steken, als ik het bedrijf goed begrijp en heb vastgesteld dat er duurzaam competitief voordeel (of meerdere) is en dat het bedrijf, en haar producten, een houdbare positie in de markt hebben (denk bijvoorbeeld aan Coca-Cola). Dit zijn ook aandelen waar we profiteren van hun groei en het herinvesteren van de winst. Deze bedrijven kunnen makkelijk 10 jaar of meer in onze portefeuille blijven. Dit zijn aandelen die ik voor de lange termijn wil houden, als ik ze tegen een mooie prijs kan kopen.

Met andere woorden, concentratie in de portefeuille komt voor wanneer:

  • Ik het bedrijf begrijp
  • Ik de competitieve voordelen ken
  • De competitieve voordelen duurzaam zijn
  • Het aandeel noteert tegen een prijs, waar mijn geschatte toekomstige rendementen hoger dan gemiddeld zijn (15% of hoger)

Het komt spijtig genoeg maar zelden voor dat een kwaliteitsaandeel met zulke kenmerken laag genoeg geprijsd staat op de beurs. Slechts af en toe komt dit voor, en wanneer dit voorvalt, wil je voluit kopen en deze voor de lange termijn houden, of tenminste tot de beurskoers hoger is dan intrinsieke waarde.

Als je echter geen kansen ziet om grote posities te nemen in zulke kwaliteitsbedrijven, dan kan je beter goedkope aandelen bezitten en diversifiëren. Het is niet even goed als het “voor altijd” idee van Buffett, maar het is het op één na beste en kan hoge rendementen bieden aan de geduldige en emotioneel stabiele belegger.

Momenteel heb ik zo enkele kwaliteitsbedrijven in portefeuille, maar spijtig genoeg niet genoeg en voor mij eigenlijk ook te kleine posities, dit zijn ook de enige aandelen waarmee ik concentratie zou opbouwen. De rest van de tijd houd ik een reeks bovengemiddelde aandelen aan tegen prijzen die lager dan gemiddeld zijn, en daarnaast bezit ik ook steeds enkele spotgoedkope aandelen ten opzichte van hun activa.

Koop goedkope en goede bedrijven

De basis van mijn portefeuille bestaat uit een aantal beter dan gemiddelde bedrijven die ik heb kunnen kopen tegen goedkopere prijzen. Hierdoor heb ik een margin of safety ten opzichte van hun waarde. Voor een aantal van hen zal de koers keren en zullen ze me mooie winsten opleveren. Bij voorkeur hebben deze bedrijven een potentieel waar je niet voor moet betalen, het realiseren van dit potentieel valt vaker voor dan dat de beurs gelooft, waardoor je mooie resultaten haalt. Komt het potentieel niet uit, dan wordt dankzij de margin of safety het verlies beperkt (als er verlies is).

Als je teveel betaalt voor een kwaliteitsbedrijf, dan moet je er op rekenen dat het bedrijf blijft groeien en een hoog rendement op haar ingezette middelen (ROE, ROCE,…) blijft genereren.. Dit kan goed uitdraaien, maar ik koop liever een mandje van goedkope en goede bedrijven waarvan de prijs wijst op mindere vooruitzichten en moeilijke omstandigheden. Deze aandelen hebben vaak een beperkt neerwaarts risico omdat (verwachte) slechte resultaten al in de koers verwerkt zitten, maar als ze dan beter doen dan verwacht, dan zien we dat de aandelen significant kunnen stijgen.

Concentratie of diversificatie?

Uiteindelijk komt concentratie neer op de mogelijkheid van de belegger om het bedrijf te waarderen en de risico’s in te schatten die eigen zijn aan het bedrijf en de sector. Als je geconcentreerd wil beleggen, moet je zowel een goede aandelenanalist als een bedrijfsanalist zijn. Niet makkelijk en iets waar maar weinigen in slagen.

Veel waardebeleggers praten er over dat ze bereid zijn om hun portefeuille te “concentreren rond hun beste ideeën”, waarmee ze Buffett volgen natuurlijk. Maar terwijl velen proberen om te beleggen zoals Buffett eindigen de meesten met gemiddelde resultaten (zoals de index) omdat ze niet zoals Buffett de analyse van aandelen kunnen combineren (zien of een bedrijf ondergewaardeerd is) met bedrijfsanalyse ( competitieve voordelen herkennen, kwaliteit van het management,…). Zo’n samenkomst van aandelen analyse en bedrijfsanalyse is best vergelijkbaar met een ambacht. Je kan de technieken leren, maar er spelen ook andere factoren om een geweldig ambachtsman (of vrouw) te worden (emoties, talent, inzicht, kennis van de sectoren,…).

Het is daarentegen veel makkelijker om gewoon een aandelenanalist te zijn die vooral kijkt naar de cijfers met slechts enkele indrukken vanuit de bedrijfsanalyse. Velen zullen het hierover niet eens zijn met mij, maar dit lijkt me voor de meeste beleggers de veiligste manier om hun kapitaal te beleggen (want ook tijd speelt een belangrijke rol, niet iedereen heeft de tijd om de hele dag bezig te zijn met zijn/haar beleggingen).

Je kan een margin of safety (veiligheidsmarge) bekomen op twee manieren, door het kopen van bedrijven van hoge kwaliteit of door het kopen van goedkope aandelen. Combinaties zijn uiteraard ook steeds mogelijk. Maar als je wil concentreren, dan kan je beter geconcentreerd zijn in hoge kwaliteitsbedrijven tegen een redelijke prijs. Dit is de manier dat Buffett werkt, welke niet makkelijk is, zeker niet als je vandaag start en instapt aan de huidige prijzen.

Als je diversifieert over een reeks goedkope aandelen, dan komt je veiligheidsmarge voort uit het goedkoper kopen. Bedrijfsspecifiek risico verlaagt door het diversifiëren.

Beleggen is een ambacht waarin Buffett beter is dan al de rest. De rest kan hem proberen na te doen, maar we kunnen ook proberen Schloss of Graham na te doen, met veel meer kans op succes. Met de tijd zullen je talenten evolueren (in bedrijfsanalyse) en zal ook je beleggingsmethode evolueren.

Beleggen is een levenslange reis, waarbij we constant bijleren.

Gebruik jij de beurs als een casino?

Enkele weken geleden riep ik de lezers van SMART Capital op om naar aanleiding van de week van het geld, de week van beleggen te houden. Ik vroeg hen om tijdens de week met 1 iemand uit hun familie, kenniskring, collega’s,… te praten over de beurs en beleggen en hen volgende vragen te stellen.

  • Of ze weten dat ze door het geld op hun spaarrekening te zetten, elk jaar armer worden.
  • Of ze weten dat 15% van de ouderen in België wordt geconfronteerd met armoede (ja zelfs met ons sociaal stelsel, in 2006 was dit nog 23%!) (Nederland doet het veel beter met slechts 2,6% bij echtparen en 6,4% bij alleenstaanden!)
  • Waarom ze wel of niet beleggen
  • Wat hen tegenhoudt als ze niet beleggen

Het doel was voor mij vooral bewustzijn te creëren dat beleggen noodzakelijk is als we op pensioenleeftijd nog comfortabel in ons onderhoud willen kunnen voorzien.

Veruit de meest voorkomende argumenten dat werden gebruikt om niet te beleggen op de beurs is geen tijd en geen kennis. Ik kan enkel hopen dat ze met de tijd inzien dat het noodzakelijk is om de nodige tijd vrij te maken voor beleggen, uiteraard gepaard met het vergaren van de nodige kennis.

Zelf kreeg ik van iemand het antwoord: “ De beurs? Dat is toch een casino?”

Is de Beurs een Casino?

Spijtig genoeg is dat een vooroordeel dat velen hebben. Vaak zijn dit mensen die wel op de Lotto spelen, want het gaat toch maar om enkele euro’s,…

De beurs is er volgens hen enkel voor de rijken en de lucky few.

En het is ook te begrijpen. Er zijn mensen die de beurs betreden en denken dat ze door te gokken op stijgende beurskoersen snel rijk gaan worden. Dit gaat allemaal goed bij stijgende beurzen, maar bij een crash verliezen ze hun hele vermogen. Het zijn deze situaties die andere mensen het idee geven dat de beurs een casino is.

De beurs werd opgericht als een plaats waar zakenmensen het nodige kapitaal kunnen ophalen om hun bedrijf te starten of uit te breiden.

Aandelen werden uitgegeven en bankiers en beleggers kochten deze aandelen, de bedrijven maakten gebruik van het opgehaalde geld. Van zodra een bedrijf goed begon te draaien en het winst maakte, gaf het geld terug aan haar aandeelhouders (eigenaars) zodat het kon gebruikt worden om te investeren in andere bedrijven of om van te leven.

Met de tijd werd het duidelijk voor de makelaars, banken en brokers dat ze veel sneller en makkelijker meer geld konden verdienen door aandelen heen en weer te verhandelen. Ze werden tussenpersonen die de kapitaalstroom beheren terwijl ze verdienen op elke transactie.

Vandaag gaat het spel op de beurs dan ook niet meer over kapitaal en bedrijven, maar het overbrengen van geld van de ene belegger naar de andere. En in deze stroom, waar beleggers het risico nemen, wint er maar één zeker, de broker.

En zo werd de beurs inderdaad herleid tot een casino waar de ene gokker rijk wordt op de kap van andere gokkers, totdat ook hij alles verliest. Enkel het huis (broker – bank – makelaar) wint.

Verschil beurs en Casino

Is er vandaag dan nog een verschil tussen de beurs en een casino vraag je je misschien af.

Eigenlijk niet zoveel.

De slotmachines zijn vervangen door grafieken en de sirene van de jackpot is vervangen door angstaanjagende koppen in kranten en op websites.

Net zoals in een casino nemen de gokkers veel geld mee en laten ze een deel achter (vaak alles waar ze mee zijn binnengestapt) en denken ze dat ze zich toch geamuseerd hebben.

Het geld gaat dus in het beurscasino, maar de vraag die blijkbaar niemand zich stelt is: Waar gaat al dat geld naar toe?

Als een aandeel 60% of 80% daalt, dan verliezen de beleggers en gokkers hun geld, maar waar gaat dit geld naar toe?

Dit gaat over papieren verliezen, maar een groot deel van de echte winsten gaat naar de brokers, want als iedereen in paniek zijn aandelen begint te verkopen, verdienen zij toch een mooie commissie.

Vroeger zou ik steevast de discussie aangegaan zijn om te ontkrachten dat de beurs een casino is. “Casino’s zijn er voor gokkers, de beurs is er voor beleggers!”

Na een tijd geef je dit echter op, want er zijn inderdaad gelijkenissen. De belangrijkste zit hem echter in de mindset van de spelers/gokkers.

Gokkers gaan naar het casino om de jackpot te winnen (of spelen op de lotto). Iedereen heeft al wel eens een verhaal gehoord van iemand die hierdoor in één klap rijk is geworden. Het lijkt ook een heel makkelijke manier om rijk te worden.

Wat ze niet lijken in te zien is dat de kans op zo’n grote winst enorm klein is, de kansen zijn niet in uw voordeel. Maar iedereen droomt graag en blijft optimistisch, daarom blijven de Lotto en casino’s zo succesvol.

“Ik word de volgende miljonair” is wat gokkers altijd denken. Spijtig genoeg is de beurs ook hier naar toe afgegleden. Iedereen is op zoek naar de volgende Apple, Facebook of Lotus Bakeries om snel rijk te worden.

Met zo’n ingesteldheid, die spijtig genoeg te veel beleggers op de beurs hebben, kopen ze aandelen. Daarna kijken ze elke 10 minuten op hun computer of smartphone wat de koers van het aandeel doet, net zoals de gokker staart naar de draaiende wielen van de slotmachine, wachtend op dat moment “Ja, ik ben een miljonair”.

Als het niet loopt zoals ze hoopten, dan plaatsen ze een nieuwe gok in een ander aandeel, net zoals een gokker zich verplaatst naar een andere slotmachine.

Maar de beurs werkt niet zoals een Casino. Alleen de gokkers denken van wel.

In een casino is het zo dat hoe langer je speelt, hoe meer je zal verliezen (enkel het huis wint!).

Op de beurs is het andersom, hoe langer je speelt, hoe groter de kans dat je wint.

Je zal altijd verhalen horen van mensen die quasi overnacht rijk zijn geworden op de beurs, net zoals er mensen de lotto winnen, maar weet dat dit de uitzonderingen zijn, niet de regel.

De regel is dat je rijk kan worden door te beleggen op de beurs, als je kwalitatieve ondergewaardeerde bedrijven koopt en je ze voor lange tijd bijhoudt.

Daarom is mijn antwoord op de vraag of de beurs een casino is niet meer “Nee casino’s zijn voor gokkers en de beurs voor beleggers”

Het antwoord vandaag is – “Jij moet het verschil kennen en de beurs niet behandelen als een casino”

Als je de beurs behandelt als een casino, dan is het dat ook en ben jij de verliezer op lange termijn.

Als je de beurs daarentegen behandelt als een manier om te investeren in bedrijven,….

Wat is de waarde van goud?

Goud, en meer nog de waarde van goud is voor mij steeds een raadsel geweest.

Wat bepaalt de waarde van goud?

Ik weet niet of je al eens hebt geprobeerd om dit op te zoeken? Ik heb het wel gedaan. Wanneer je dit ingeeft in Google krijg je in het Nederlands 1.760.000 resultaten, in het Engels zijn dit er 279.000.000. Uiteraard ben ik deze niet allemaal gaan bekijken, maar op de eerste 10 pagina's in elke taal krijg je geen antwoord.
De prijs van goud kom je wel vaak tegen, maar dat is niet hetzelfde. De prijs is afhankelijk van vraag en aanbod, de waarde verandert niet door dit gegeven.

Kent iemand de werkelijke waarde van goud?

Kent dan werkelijk niemand de waarde van goud? Roland Van der Elst ( professor en schrijver van talrijke boeken over beleggen, alsook 25 jaar lang de drijvende kracht achter de VFB – Vlaamse Federatie van Belegingsclubs) zegt in een interview in De Tijd van niet.
Ik moet hem hierin volgen, en zelfs al is er een enkeling die het toch zou kennen, hij houdt het angstvallig geheim.
Wat je wel veel tegenkomt wanneer je deze zoekopdracht ingeeft, zijn mensen die beweren de richting van de goudprijs te kennen. Het is een opbod van hogere prijzen.
Ik ben blij dat ik mij hierover geen zorgen moet maken. De waarde van goud kan mij gestolen worden.

De mening van Buffett over goud

Dit artikel is naar aanleiding van een 3 uur durend artikel op CNBC met Warren Buffett. Hier komt het punt dat Warren Buffett maakte.

Voor Buffet zijn er 2 type beleggingen. De eerste is een belegging die iets oplevert. Die een rendement heeft zoals bijvoorbeeld bedrijven, boerderijen en vastgoed. Wanneer je hierin investeert heb je op regelmatige basis iets dat je terug krijgt, zoals dividenden, winsten, huurgeld,….

Het andere type belegging is iets dat je koopt, in de hoop dat je er in de toekomst meer voor zal terugkrijgen. Hieronder valt ook een belegging in goud.
Maar iets kopen, in de hoop dat later een ander je er meer voor betaalt, is speculeren.
En laat dat nu net iets zijn waar ik met deze blog afstand van wil nemen.

Buffet gaat nog verder. Wanneer men al het goud in de wereld zou samensmelten tot 1 grote vierkant zou deze 20 meter lang, 20 meter breed en 20 meter hoog zijn. De waarde van deze kubus is 7 biljoen dollar (5,07 biljoen Euro). Voor dit geld kan je al de landbouwgrond in Amerika kopen + 7 keer Exxon Mobile en nog een biljoentje overhouden om uit te geven.

Vertaald naar Europa is dit bijna 2,5 x alle bedrijven in de Eurostoxx 50 ( de 50 grootste Europese bedrijven zoals Total, Siemens, Santander, Telefonica, Sanofi-Aventis, BNP Paribas, BASF,…). Zoals Buffet zei, welke van de 2 zou je kiezen?

Een blok goud in je tuin die mooi glimt, maar ook dik in de weg staat, of 2 keer alle grootste bedrijven van Europa bezitten en nog 1 biljoen euro om uit te geven?
Voor mij is de keuze snel gemaakt.

Waarom zou je goud kopen?

 Volgens Warren Buffet is goud kopen enkel om in te spelen op angst. Angst voor inflatie, oorlog,… Toegegeven goud is uiterst compact, draagbaar en door iedereen aanvaard als betaalmiddel. Maar zolang we niet op de vlucht moeten en onze beschaving niet ten val komt, zie ik niet direct reden om goud te kopen. Bovendien als onze beschaving ten val komt ben ik liever eigenaar van grond dan van goud. Bewerkte grond kan je voorzien van eten, goud kan dat enkel als je een ander vindt die het voedsel ervoor wil ruilen.

Voor mij zijn er andere opties om je in te dekken tegen inflatie, zoals ik al schreef in mijn eerdere blogpost Hoe je vermogen beschermen tegen inflatie.
Mijn persoonlijke voorkeur gaat uit naar vastgoed. Zeker wanneer de huurcontracten geïndexeerd worden, en de rente van de schulden vast is op 20 jaar. Laat dan inflatie maar zijn werk doen. Duur geld lenen en goedkoop geld terugbetalen.

Goud = geld

Goud is eigenlijk een vorm van geld. Net zoals de wereldmunten ten opzichte van elkaar schommelen, schommelen deze munten ook ten opzichte van goud. Het enige verschil is dat men goud niet kan bijmaken ( in de middeleeuwen hebben ze dit nochtans geprobeerd), waardoor deze een stabielere waarde heeft. Maar wanneer de goudprijs stijgt is het niet het goud dat stijgt, maar de munt waar je de prijs in uitdrukt, die daalt.

Met bedrijven is dit net iets anders, wanneer de waarde van het geld daalt stijgt de prijs van het bedrijf, maar dat hoeft niet de enige reden te zijn. Het bedrijf kan ook meer winst (cashflow) genereren, groeien,…

Kortom goud is geld, maar geld dat over heel de wereld aanvaard wordt en dat niet het risico loopt om waardeloos te worden door een faillissement van een land. Maar zolang je zelf niet moet verhuizen is er geen reden om veel goud te bezitten. Een huis of een bedrijf zal na het faillissement van een land nog steeds waarde hebben. Het zal waarschijnlijk in een andere munt worden uitgedrukt.

Zolang er geen manier is om de waarde van goud te berekenen, ben je aan het gokken. Ik weet niet hoe het met U zit, maar gokken heeft mij tot op heden nog geen geld opgeleverd.

Holdings als alternatieve belegging voor fondsen

EDIT: Er zijn reeds twee artikels volgend op deze geschreven. Het meest recente kan u hier vinden:

Holdings het alternatief voor fondsen

Verschillende studies hebben aangetoond dat het bijna onmogelijk is om fondsen te vinden die de index verslaan op lange termijn. Er zijn fondsen die het kunnen voor enkele jaren. Wij moeten deze dan wel kunnen vinden en op tijd kopen en verkopen. Met deze strategie zullen al onze extra winsten ( als we al succesvol zijn) opgegeten worden door de in en uitstap kosten van de fondsen.

75% van de fondsen presteren slechter dan de index

Studies van Morningstar melden dat in 2008 75% van de fondsen slechter presteerden dan de index. In 2007 was dit 57%. Met andere woorden is het niet makkelijk om het juiste fonds te kiezen, je hebt minder dan 1 kans op 2 dat je juist kiest.

Ook een studie van Eugene Fama ( van de Efficient Market Theory) en Kenneth French wijst aan dat over 23 jaar alle fondsen gemiddeld 0,8% slechter presteren dan de markt. Naar mijn mening zijn alle fondsen samen zo goed als de markt.

De slechte prestaties zouden te wijten zijn aan de kosten van de fondsen.

Mij lijkt een studie zoals bovenstaande echter zeer moeilijk om uit te voeren. Slecht presterende fondsen worden vaak stopgezet, of samengevoegd met goed presterende fondsen. Survivorship bias (resultaten worden positief vertekend doordat enkel de goede fondsen blijven bestaan over een lange periode, al de fondsen die zijn stopgezet of opgeslokt worden niet mee opgenomen in de studie) lijkt in een studie van zo'n omvang onvermijdelijk.

Laten we er echter van uitgaan dat het geheel aan fondsen op langere termijn maar 0,8% slechter presteren dan de index. Als fondsenbelegger zal je toch steeds slechter presteren dan al deze fondsen samen. Het is onmogelijk om ze allemaal te kopen zoals ik vorige week heb gemeld heeft enkel KBC er meer dan 1500. Daardoor moet je kiezen, en je hebt minder dan 50% kans om een goede te kiezen. Toch zullen we verder rekenen met maar 0,8% slechter dan de index.

Fondsen presteren slechter dan de index, maar hoe presteert de index?

Hierover heb ik zelf een klein vergelijk gemaakt met de indexen welke voor de rest van de post relevant zijn.

Data zijn steeds genomen begin februari. Respectievelijk 2011, 2006, 2002 en 2001.
De data op 9 jaar zijn opgenomen omdat Euronext 100 pas bestaat sinds 2002 en ook de Holding Henex past noteerde vanaf maart 2002.

Gegevens

Verder in mijn kleine studie heb ik 10 Belgische holdings geselecteerd. Van al deze heb ik op dezelfde datums hun koers genoteerd. Voor GBL en NPM is er rekening gehouden met de splitsing van het aandeel, net als bij Bois Sauvage de reverse split in rekening is gebracht. Hieronder vindt U de gebruikte gegevens.

Om een belegging in deze holdings te kunnen vergelijken met de indexen heb ik een virtuele portefeuille gemaakt met € 10.000 evenredig verspreid over de 10 holdings ( ofwel € 1.000 per holding). Voor vergelijking van 10 jaar is dit dan een totaal van 9.000 €.

Resultaten

De indexen vertonen over de hele lijn negatieve rendementen.
Op de laatste 5 jaar was het rendement van de holdings ook negatief. Ze presteerden wel bijna 3 keer beter dan de beste index! En zelfs bijna 6 keer beter dan de slechtste.

Zowel op 9 jaar als op 10 jaar laten de holdings een positief rendement zien terwijl de indexen allemaal negatieve rendementen noteren.
De holdings presteren op lange termijn tussen de 5% en de 8% beter dan de indexen. Met andere woorden de holdings kloppen de fondsen met minimaal 5,5%

Rendementen van de holdings

Voor de volledigheid nog even de tabel met het rendement van alle holdings op 9 jaar. Dit om aan te tonen dat op 1 holding na ze allemaal beter presteren dan de index. Een actief beheer loont dus wel. Wil dit dan zeggen dat de bestuurders van de holdings betere beleggers zijn dan de fondsbeheerders? Of maken ze vooral het verschil in de kosten voor de belegger?

Verder moeten we ook nog rekening houden met de dividenden. Brut gerekend kom ik op een gemiddeld dividend van 2%. Dit maakt het rendement van de fondsen 6,79% per jaar in de periode 2002-2011.

Zorgen de holdings voor voldoende spreiding?

Zijn deze holdings risicovoller dan fondsen? Is de portefeuille van de belegger dan wel voldoende gespreid met maar 10 aandelen?

Hieronder vindt U een lijst met de sectoren waarin we met deze 10 aandelen onrechtstreeks zouden beleggen:

  • Bouw
  • Baggerbedrijven
  • Bank
  • Vermogensbeheer
  • Vastgoed
  • Private Equity
  • Grondstoffen
  • Energie
  • Drank
  • Scheepvaart
  • Media
  • Distributie
  • Retail
  • Voeding
  • IT
  • Technologie en hardware
  • Halfgeleiders
  • Farma
  • Biotech
  • Telecom
  • Consumptiegoederen
  • Metaal

Ook de bedrijven waarin zij beleggen zijn zeker geen onbekende namen. Een kleine greep uit het assortiment.

Total, Suez, Iberdola, Pernod Ricard, Lafarge, Group Flo, M6 televisie, Exmar, Colruyt, Delhaize, Danone, B&W, Deceuninck, Petit Forrestier, Econocom, Unit 4, Hewlett Packard, EVS, Arcadis, Imtech, KPN, Accel Group, Royal Dutch Shell, Nestlé, Unilever, E.on, Sanofi-Aventis, Ageas, France Telecom, Samsung Electronics, Bank Degroof, Bank van Breda, Bank Delen, Berenberg Bank, Neuhaus, Recticel, Ter Beke, Heineken, DEME, Leas invest Real Estate, Sipef,…

Zoals U ziet is dit een prachtige selectie van bedrijven. Over spreiding hoeven we ons geen zorgen te maken.

Een bijkomend voordeel voor de Belgische belegger is dat we via deze holdings de dubbele belasting op dividenden kunnen uitschakelen.

Al deze informatie dient hoofdzakelijk om U als belegger kritischer te maken ten opzichte van fondsen. Er zijn goede en ook makkelijke alternatieven beschikbaar.

 

Lees ook de update hier

Een beleggersvereniging is extreem waardevol

Bent U al lid van een beleggersvereniging? Zoniet, lees dan snel hieronder waarom je dit wel wilt worden!

Waarom lid worden van een beleggersvereniging?

Om te beginnen de meest voor de hand liggende, maar ook belangrijkste reden. Beleggersverenigingen zijn opgericht voor ons, de particuliere beleggers.
De vereniging bestaat dan ook uit gelijk gestemde zielen, we hebben allemaal hetzelfde doel. Enkel onze methodes (fundamentele vs technische analyse,…) kunnen verschillen, maar komen bij deze verenigingen allemaal aan bod.

Het voornaamste doel van beleggingsvereniging is onafhankelijke informatie bezorgen aan zijn leden.
Dit doen ze op verschillende manieren.

Bedrijfsbezoeken

Eén van de mooiste manieren vind ik persoonlijk het organiseren van bedrijfsbezoeken.
Een kijkje nemen achter de schermen van het bedrijf. Het bedrijfsproces doorlopen, zien hoe iets wordt geproduceerd, verpakt, de logistiek,marketing,… Uiteraard kan nooit alles worden bekeken omwille van veiligheid en het beschermen van bedrijfsgeheimen.
Bij de meeste van deze bedrijfsbezoeken heb je als belegger ook eens de kans om een vraag rechtstreeks te stellen aan iemand van het management en/of de CEO op een meer informele manier dan op de jaarvergadering. Persoonlijk vind ik dat wanneer een CEO tijd maakt voor de gewone beleggers dit veel zegt over zijn mentaliteit, en het respect voor de “kleine” aandeelhouders.

Info Avonden

Verder organiseren ze ook nog info-avonden, tot zelfs hele dagen. Zo heeft de VFB een heuse VFB happening in het begin van het jaar, en in september “De dag van de Tips”. Deze dagen bestaan dan uit een hele reeks voordrachten gegeven door economen, analisten en bedrijfsleiders. Verder worden er nog workshops georganiseerd en is het mogelijk een bezoekje te brengen en praten met mensen van de aanwezige bedrijven.
In Nederland is er een gelijkaardig evenement dat de naam “Dag van de Belegger” draagt.
Deze dagen zijn zeker de moeite om te bezoeken, als het al niet voor bovenstaande is, dan misschien wel om in contact te komen met mensen met dezelfde interesse.

Magazines

Een andere manier om informatie tot bij hun leden te krijgen zijn hun eigen magazines.
De frequentie en opbouw kunnen verschillen tussen de verschillende verenigingen, maar ze staan allemaal boordevol interessante informatie zoals interviews met economische experten en bedrijfsleiders. Verder vinden we nog fundamentele en technische analyses van bedrijven, informatie over grondstoffen, obligaties, ETF,…

Onderrichten van beleggers

Een tweede doel is het onderrichten en vormen van beleggers. Dit gebeurd hoofdzakelijk door het organiseren van cursussen. Zo zijn er cursussen fundamentele analyse, technische analyse, hoe online beleggen, opties, obligaties,…

Indien u geïnteresseerd bent in waardebeleggen, dan raad ik u uiteraard BeursLopers Waardebeleggen van A tot Z aan.
In de VS worden er zo ook al webinars georganiseerd. Een webinar is een online meeting waarbij de spreker live zijn voordracht kan geven en de kijkers hun vragen kunnen stellen. Voordeel hiervan is dat een verplaatsing wordt uitgeschakeld (met andere woorden, je kan in je luie zetel blijven zitten met de laptop op de schoot), en dat er oneindig veel plaatsen beschikbaar zijn die allen een goed zicht hebben op de presentatie. Daarnaast kunnen ze ook worden opgenomen om later te herbekijken. Misschien een tip voor onze verenigingen in Vlaanderen en Nederland.

Beleggers activisme

Een beleggingsvereniging kan ook actief optreden voor zijn leden. Zo kunnen zij collectief de belangen verdedigen van de individuele aandeelhouders. Ook kunnen ze uw stem uitbrengen op de algemene vergadering van een bedrijf.
De VFB doet dit niet vaak. De VEB (Vereniging van effectenbezitters) in Nederland doet dit wel regelmatig. Als lid neemt U gratis deel aan de collectieve acties.

Goedkoop

Als laatste krijg je ook nog kortingen op boeken, voordrachten,… uiteraard allemaal over beleggen.

En het beste van allemaal, je krijgt dit tegen een spotprijs.
Zo kost het lidgeld voor de VFB 35 € per jaar. Alleen de 10 magazines die ze hiervoor opsturen zijn dit meer dan waard.
Het lidgeld van de VEB is 70 €, maar hier krijg je dan ook 26 x het beleggingsmagazine “Effect”.
De American Associaton of Individual Investors ( AAII) rekent 29$ voor 12 magazines of 290$ om lid te worden voor het leven.

Je kan een overzicht van alle Europese verenigingen vinden op Euroshareholders, de overkoepelende organisatie van alle Europese beleggersverenigingen.

De Nederlandse VEB vindt U hier

De Vlaamse VFB kan U vinden door op deze link te drukken.

In de VS vind ik 2 verenigingen terug, de AAII en de Better Investing Community of NAIC.

Kortom, wanneer je actief bezig bent met beleggen, als beginner, gevorderde of als professional, de beleggingsverenigingen bieden een enorme waarde. Ik raad je dan ook aan om lid te worden.