ERP5 screening methode van MFIE

In een vorig artikel heb ik geschreven over de service van MFIE (www.value-investing.eu), alsook over de papers die ze hebben geschreven met backtests van verschillende formules. In dit artikel ga ik wat dieper in op de formule die ze zelf hebben gemaakt, ERP5.

Wat is ERP5

ERP5 is niet te verwarren met het softwareprogramma Erp5, wat een systeem is voor Enterprise Resource Planning. Als U deze zoekt kan U hier terecht.

De ERP5 waar we hier over spreken is de afkorting van Earnings Yield, ROIC, Price to book en 5 year trailing ROIC. Zo weet U gelijk ook hoe de formule in elkaar zit.

Stap voor stap uitgelegd:

  1. De bedrijven sorteren op Return On Invested Capital, waarbij de beste rang 1 krijgt, de tweede beste rang 2, enzoverder.
  2. De bedrijven opnieuw sorteren, maar ditmaal op Earnings Yield, wederom krijgen de bedrijven van beste naar slechtste een rangnummer mee, waarbij 1 de beste is.
  3. Nogmaals, maar nu voor de koers-boekwaarde ratio, de laagste krijgt nummer 1, enzoverder
  4. En nu nog een laatste maal hetzelfde herhalen met de 5year Trailing ROIC.
  5. De vier bekomen cijfers worden voor elk bedrijf samengeteld
  6. De lijst wordt opnieuw gesorteerd van laag naar hoog.

Hierbij zijn dan de bedrijven met het laagste cijfer de beste.

Voor de volledigheid nog even een verduidelijking van de termen.

  • ROIC = Return on Invested Capital = EBIT / (Netto werkkapitaal + Netto Vaste Activa)
  • EBIT = Earnings before Interest and Taxes, zeg maar het operationele resultaat
  • Earnings Yield = EBIT / Bedrijfswaarde
  • 5 year Trailing ROIC = 5 opeenvolgende jaren van ROIC

Het idee voor deze screener is duidelijk afkomstig van Joel Greenblatt's magische formule. Er wordt gezocht naar een goedkoop en rendabel bedrijf.

Earnings Yield en de koers-boekwaarde verhouding duiden aan of het bedrijf goedkoop is en hoeveel veiligheidsmarge er zit op de huidige prijs van het aandeel. De ROIC geeft aan of het bedrijf goed gebruikt maakt van zijn middelen. De 5 year trailing ROIC laat ons dan weer weten hoe het bedrijf is geëvolueerd gedurende de laatste 5 jaar.

Wat is het verschil van ERP5 met de Magische Formule?

De Magische Formule heeft als grootste probleem dat het bedrijven die éénmalig een uitzonderlijk jaar hebben een goede rang toekent. Via de earnings yield factor is het ook niet altijd duidelijk of het wel om een echt goedkoop bedrijf gaat.

Met de ERP5 screener worden deze éénmalige uitschieters minder bevoordeeld. De koers-boekwaarde factor zorgt voor een extra veiligheidsmarge (margin of safety) en de 5 Year trailing factor gaat na of het bedrijf reeds over langere tijd goed presteert.

De ERP5 Best Selection

De heren van MFIE zijn hier nog niet gestopt. Ze hebben hun formule nog verbeterd door ook de Piotroski F-score er aan toe te voegen.

In de praktijk nemen ze de aandelen met een Piotroski F-score van 7 of meer (9 is maximum) en voeren op deze resterende bedrijven de ERP5 methode uit.

Deze methode heeft volgens de backtests van 1999 tot nu een rendement behaald van 593%, dit ten opzichte van een verlies van -23% voor de S&P600 Europe over dezelfde periode.

De originele bedoeling van de ERP5 screener, is net zoals met de Magische Formule een 30-tal aandelen gespreid te kopen, en deze telkens na één jaar te verkopen en vervangen door nieuwe aandelen geselecteerd via dezelfde methode.

Zoals ik ook al schreef in vorig artikel heeft systematisch beleggen zijn voordelen, maar ik gebruik deze screener vooral om goede en goedkope bedrijven te vinden. Het bedrijf dat deze week besproken wordt in Beurloper is gevonden door gebruik te maken van de ERP5 methode.

Aandelen selecteren? Een handige tool

In de serie “Beleggen in ondergewaardeerde aandelen” kon U reeds lezen over een aantal zogenaamde screeners. Er kwam onder andere aan bod:

Zoals U in deze artikels kan lezen zijn het fantastische formules om ondergewaardeerde aandelen te vinden. Het enige probleem is dat er geen gratis tools bestaan die aandelen kunnen screenen op de manieren die nodig zijn voor deze formules, in elk geval geen voor Europese aandelen.

Sterker nog, databases die de nodige informatie bevatten om eventueel zelf deze formules uit te werken kosten handenvol geld. In 2007 was ik veel bezig met de Magische Formule, in die tijd heb ik uitgezocht wat de kostprijs zou zijn indien ik deze data wilde gebruiken. De prijsofferte die ik kreeg was 20.000 euro op jaarbasis. Dit is voor elke gewone belegger onbetaalbaar.

In die zelfde periode werd ik via het blog dat ik toen schreef gecontacteerd door Philip Vanstraceele, samen met Luc Allaeys, auteur van de papers Systematic Value Investing: does it really work? En Studying different Systematic Value Investing Strategies on the Eurozone Market, in deze papers noteren ze hun bevindingen van het backtesten van al deze beleggingsmethodes. Ook hij was intensief bezig met value investing en de Magische Formule. u kan dit vinden op http://magicformulainvesting.org/.

 

Mogelijke screenings methoden:

Naast de Greenblatt Magische Formule bevat deze ook nog:

  • Piotroski F-score
  • Benjaming Graham NCAV
  • ERP5 stockscreener
  • Montier Short list
  • O'Shaughnessy Tiny Titans

Ook voor Europa

De screeners van MFIE (de naam van het bedrijf) kunnen worden toegepast op verschillende landen samen of apart, zoals Europa, UK, USA, Japan en Australië. Ze bereiken hiermee meer dan 21.700 bedrijven, 4.114 in Europa inlcusief Zwitserland en Scandinavië, 1.578 in de UK, 10.662 in de VS en Canada en 3.605 in Japan en 1.746 in Australië.

Er is de mogelijk om te zoeken op elk land apart, maar om een goede lijst te krijgen raad ik niet aan om met minder dan 2.000 aandelen aan de slag te gaan.

Ook de sectoren kunnen allemaal apart geselecteerd of uitgeschakeld worden. Het nadeel hier is dat de sectoren wel heel klein zijn onderverdeeld, ik vind het makkelijker ze allemaal aan te laten staan. Verder kan je ook de minimum marktkapitalisatie en het minimum gemiddeld dagelijks volume bepalen, dit om te vermijden dat je illiquide aandelen zou selecteren.

Als laatste zijn er nog twee zeer handige zaken aan deze tool. Als eerste kan je de verkregen lijsten exporteren naar een spreadsheet zoals Libre Office Calc (vroeger Open Office) of Microsoft Excell.

Het tweede is dat er ook een zoekfunctie is. Komt een bedrijf niet voor in één van de lijsten kan je deze opzoeken door de naam in te geven. Je krijgt dan het bedrijf te zien met onder andere volgende data:

  • ERP5 rank
  • Piotroski F-score
  • Magische Formule Rank
  • NCAVB Graham
  • Price to Book
  • Price to Sales
  • Netto schuld/ Materiële vaste Activa
  • Earnings yield + 5 jaar gemiddelde
  • Vrij Cashflow + 5 jaar gemiddelde
  • ROIC + 5 jaar gemiddelde

Systematisch Beleggen

Deze service is in de eerste plaats ontworpen om systematisch te beleggen volgens de methode van Greenblatt, of met één van de andere screeners.

Systematisch beleggen heeft als voordeel dat emoties worden uitgeschakeld. In alle eerlijkheid moet ik zeggen dat ik dat niet kan. Bedrijven kopen zonder deze grondig te onderzoeken ligt gewoon niet in mijn aard, zonder grondige analyse slaap ik niet goed. Maar dankzij deze screening tool kan ik wel sneller koopwaardige aandelen vinden, en meer tijd spenderen aan het analyseren van de bedrijven.

De service is beschikbaar vanaf €378 per jaar of €39,7 per maand.

Voor systematische beleggers of doe-het-zelvers is dit een fantastische tool. Heeft U liever dat een ander al het werk doet? Dan verwijs ik U graag door naar mijn eigen service SMART Capital

Beleggingskansen in energie

De nucleaire dreiging in Japan heeft het debat over onze energievoorziening terug op de voorgrond geplaatst. Overal staat kernenergie ter discussie. Duitsland sluit 7 kerncentrales voor minimaal 3 maanden om de veiligheid te controleren. In België komen er stresstests voor de centrales.

Zijn er al alternatieven voor kernenergie?

De vraag is, is er een alternatief voor kernenergie?
We kunnen niet terug overschakelen op steenkool en gascentrales, dan verleggen we het probleem van een kernramp naar sluipmoordenaars zoals CO² en fijn stof.

Overschakelen op groene energie is ook nog niet aan de orde. Het probleem van groene energie is dat deze afhankelijk is van factoren die wij niet kunnen controleren (zon of geen zon, wind of geen wind).

Vandaag is kernenergie nog steeds onmisbaar. De consument verlangt dat wanneer hij de lichtschakelaar aan zet het licht brandt, zijn microgolfoven werkt om zijn maaltijd op te warmen, en dat hij deze dan kan opeten voor zijn favoriete televisieprogramma.

Zoeken naar oplossingen, en welke bedrijven deze oplossingen kunnen bieden

We moeten op zoek naar een manier om niet aan levenskwaliteit te moeten inboeten en tegelijkertijd toch de vervuiling en dreiging van kernrampen terug te dringen.

Uiteraard interesseert mij dit als milieubewuste consument, maar eigenlijk ook nog meer als belegger. Wat zijn de oplossingen, en wie profiteert hier van. In welke bedrijven kunnen we beleggen.

Uiteraard ben ik hierin niet alleen, groene energie was dan ook een hot topic bij beleggers in 2007-2008. De meesten houden er geen goede herinneringen aan over. Net zoals bij elke hype.
Met de nucleaire dreiging in Japan profiteren de aandelen die te maken hebben met groene energie van een heuse remonte.

Als gewone belegger zijn we te laat om nog te kunnen profiteren van ondergewaardeerde bouwers van zonnepanelen, leveranciers van onderdelen voor windmolens,…

Wat op lange termijn?

Laten we dan ook even gaan kijken op langere termijn.
Wat zijn de problemen van vandaag, en wat kunnen hiervoor oplossingen zijn?

Het probleem vandaag is dat het elektriciteitsnetwerk zo is gebouwd dat dit eenrichtingsverkeer is. Het net is gemaakt om elektriciteit van punt A naar punt B te brengen. Punt A is hierbij de elektriciteitscentrale, of dit nu gas, steenkool, zon, water of wind als energie heeft speelt hierbij geen rol. Punt B is de verbruiker, gezinnen, bedrijven,…

Om voluit gebruik te kunnen maken van groene energie dient echter een tweerichtingsverkeer te worden uitgebouwd. Het is onmogelijk om voldoende capaciteit te generen in bijvoorbeeld een zonne-energie centrale. De oppervlakte die hiervoor nodig is, is veel te groot (zonder ons afhankelijk te maken van andere landen). We moeten dan ook zorgen dat dit gebeurt via vele kleine energiecentrales, denk maar aan de zonnepanelen op de huizen, windmolens in industrieterreinen,…

Wanneer deze energie niet aan de bron wordt opgebruikt moet deze naar ergens anders kunnen waar deze dan wel wordt opgebruikt. Op zich is dit nog niet zo'n probleem, maar de stroom moet ook weten waar naartoe.

Het Smart Grid

Wat is een Smart Grid? Een Smart Grid is een energienet waar regel en meetsystemen zijn aan toegevoegd. Deze dienen om vraag en aanbod op elkaar af te stemmen. Niet alleen wil men door te meten de juiste hoeveelheid energie opwekken en versturen naar de juiste plaats, ze gaan ook het energieverbruik proberen te regelen.

Hiervoor zijn dan ook wel slimme toestellen nodig. Denk bijvoorbeeld aan een wasmachine die je zo programmeert dat deze pas begint te wassen als er een overschot aan elektriciteit op het netwerk is, de batterij van je elektrische auto die oplaadt wanneer er overschot is, en zelfs stroom terug afgeeft als er een tekort is.

Het Smart Grid is het netwerk van de toekomst. Het laat geen twijfel dat deze er komt. De vraag is echter nog wanneer, en welke bedrijven kunnen hiervan volop profiteren?

In de eerste plaats zou men denken aan de beheerders van de netwerken zoals bijvoorbeeld het Belgische Elia. De vraag is echter of ze niet zullen worden geconfronteerd met hoge kosten om de netwerken aan te passen, terwijl niet alleen zij, maar ook de leveranciers en verbruikers er profijt van hebben.

De makers van de slimme toestellen en hun software lijken hier dan ook beter geplaatst om te kunnen profiteren. Alleen bepalen welke bedrijf nu net de toestellen en/of software zal ontwikkelen welke op grote schaal zal worden gebruikt, is eigenlijk hetzelfde als de volgende Microsoft, Google of Apple proberen te voorspellen. Voorbeelden van bedrijven die actief werken aan deze technologieën zijn bijvoorbeeld, Google, AT&T, Verizon. Zoals U ziet niet enkel energiebedrijven, maar ook telecom en IT bedrijven.

Een tweede probleem is dat wij als consument verwachten stroom te krijgen wanneer wij het willen, niet enkel als de zon schijnt of er voldoende wind is. ( Ik weet dat dit niet de enige 2 vormen zijn van duurzame energie, maar ze dienen hier wel het best om mijn punt over te brengen)

Energie opslaan

We moeten op zoek naar manieren om opgewekte energie op te slaan op een manier dat we deze ook direct terug kunnen vrijgeven wanneer dit nodig is.
Hier zijn verschillende manieren voor zoals bijvoorbeeld:

Werken met vliegwielen. Zeer kort voorgesteld gebruiken ze de overtollige elektriciteit om dit vliegwiel te laten draaien. Wanneer er een energie tekort is kan de kinetische energie van het vliegwiel terug omgezet worden in elektriciteit. Uiteraard worden hiervoor technieken ontwikkeld om deze techniek met zo weinig mogelijk energie verlies toe te passen. Beacon Power is een voorbeeld van een bedrijf die zich hiermee bezig houdt.

Een andere manier is om water op te pompen (tijdens overschot van energie) naar een hoger gelegen bassin, en deze terug vrij te laten wanneer er extra elektriciteit nodig is. Zo creëren we een kunstmatige waterkracht centrale.

Beide zijn voorbeelden van kinetische of mechanische energie. Er is echter een voor ons consument veel bekendere vorm om energie op te slaan. Dat is de batterij. In kleine vorm doen wij hetzelfde wanneer we onze GSM, laptop en andere toestellen opladen.

Momenteel bestaat echter nog niet de techniek om dit op zo'n grote schaal uit te voeren zodat we de zogenaamde piekcentrales (kerncentrale, gascentrale,…) niet meer nodig zouden hebben. Betere en sterkere batterijen is wel iets waar veel onderzoek naar toe gaat. Ook de autoconstructeurs zijn op zoek naar betere batterijen die verder kunnen rijden.

Ook hier geldt hetzelfde als bij het vorige probleem, we kunnen niet met zekerheid zeggen wie die nieuwe technieken zal uitvinden en op punt zetten.

Wat we wel zeker weten is dat zelfs indien we energie niet zullen opslaan in batterijen op grote schaal, we dit meer en meer zullen doen op kleine schaal in huis. Denk maar aan de elektrische auto, mobiele telefoons, tablet computers, MP3 spelers, …

Recyclage van Batterijen

Zowel de grote industriële batterijen als de batterijtjes uit onze gadgets kennen geen oneindige levensduur. Al dit afval zal moeten verwerkt en/of gerecycleerd worden. Het lijkt mij dan ook zinnig om op zoek te gaan naar bedrijven die hierin gespecialiseerd zijn, zoals bijvoorbeeld het Belgische Umicore.

Kort samengevat, onder druk van de publieke opinie zal onze energievoorziening in de toekomst er geheel anders uit zien. Kerncentrales of milieuonvriendelijke manieren zullen in de toekomst plaats moeten ruimen voor duurzame energie, hiervoor zal echter nog veel innovatie nodig zijn. Op korte termijn zitten we nog even vast aan kernenergie als de minste van 2 kwaden.

Als belegger lijkt het mij (nog) niet opportuun om te investeren in bedrijven die deze nieuwe technologieën ontwikkelen. Mij lijkt het verstandiger om op zoek te gaan naar bedrijven die het afval van de massaal geplaatste zonnepanelen, omvormers, slimme meters en batterijen kunnen recycleren en verwerken.

 

PS: Geen van de vermelde aandelen zit momenteel in mijn portefeuille.

Holdings als alternatieve belegging voor fondsen

EDIT: Er zijn reeds twee artikels volgend op deze geschreven. Het meest recente kan u hier vinden:

Holdings het alternatief voor fondsen

Verschillende studies hebben aangetoond dat het bijna onmogelijk is om fondsen te vinden die de index verslaan op lange termijn. Er zijn fondsen die het kunnen voor enkele jaren. Wij moeten deze dan wel kunnen vinden en op tijd kopen en verkopen. Met deze strategie zullen al onze extra winsten ( als we al succesvol zijn) opgegeten worden door de in en uitstap kosten van de fondsen.

75% van de fondsen presteren slechter dan de index

Studies van Morningstar melden dat in 2008 75% van de fondsen slechter presteerden dan de index. In 2007 was dit 57%. Met andere woorden is het niet makkelijk om het juiste fonds te kiezen, je hebt minder dan 1 kans op 2 dat je juist kiest.

Ook een studie van Eugene Fama ( van de Efficient Market Theory) en Kenneth French wijst aan dat over 23 jaar alle fondsen gemiddeld 0,8% slechter presteren dan de markt. Naar mijn mening zijn alle fondsen samen zo goed als de markt.

De slechte prestaties zouden te wijten zijn aan de kosten van de fondsen.

Mij lijkt een studie zoals bovenstaande echter zeer moeilijk om uit te voeren. Slecht presterende fondsen worden vaak stopgezet, of samengevoegd met goed presterende fondsen. Survivorship bias (resultaten worden positief vertekend doordat enkel de goede fondsen blijven bestaan over een lange periode, al de fondsen die zijn stopgezet of opgeslokt worden niet mee opgenomen in de studie) lijkt in een studie van zo'n omvang onvermijdelijk.

Laten we er echter van uitgaan dat het geheel aan fondsen op langere termijn maar 0,8% slechter presteren dan de index. Als fondsenbelegger zal je toch steeds slechter presteren dan al deze fondsen samen. Het is onmogelijk om ze allemaal te kopen zoals ik vorige week heb gemeld heeft enkel KBC er meer dan 1500. Daardoor moet je kiezen, en je hebt minder dan 50% kans om een goede te kiezen. Toch zullen we verder rekenen met maar 0,8% slechter dan de index.

Fondsen presteren slechter dan de index, maar hoe presteert de index?

Hierover heb ik zelf een klein vergelijk gemaakt met de indexen welke voor de rest van de post relevant zijn.

Data zijn steeds genomen begin februari. Respectievelijk 2011, 2006, 2002 en 2001.
De data op 9 jaar zijn opgenomen omdat Euronext 100 pas bestaat sinds 2002 en ook de Holding Henex past noteerde vanaf maart 2002.

Gegevens

Verder in mijn kleine studie heb ik 10 Belgische holdings geselecteerd. Van al deze heb ik op dezelfde datums hun koers genoteerd. Voor GBL en NPM is er rekening gehouden met de splitsing van het aandeel, net als bij Bois Sauvage de reverse split in rekening is gebracht. Hieronder vindt U de gebruikte gegevens.

Om een belegging in deze holdings te kunnen vergelijken met de indexen heb ik een virtuele portefeuille gemaakt met € 10.000 evenredig verspreid over de 10 holdings ( ofwel € 1.000 per holding). Voor vergelijking van 10 jaar is dit dan een totaal van 9.000 €.

Resultaten

De indexen vertonen over de hele lijn negatieve rendementen.
Op de laatste 5 jaar was het rendement van de holdings ook negatief. Ze presteerden wel bijna 3 keer beter dan de beste index! En zelfs bijna 6 keer beter dan de slechtste.

Zowel op 9 jaar als op 10 jaar laten de holdings een positief rendement zien terwijl de indexen allemaal negatieve rendementen noteren.
De holdings presteren op lange termijn tussen de 5% en de 8% beter dan de indexen. Met andere woorden de holdings kloppen de fondsen met minimaal 5,5%

Rendementen van de holdings

Voor de volledigheid nog even de tabel met het rendement van alle holdings op 9 jaar. Dit om aan te tonen dat op 1 holding na ze allemaal beter presteren dan de index. Een actief beheer loont dus wel. Wil dit dan zeggen dat de bestuurders van de holdings betere beleggers zijn dan de fondsbeheerders? Of maken ze vooral het verschil in de kosten voor de belegger?

Verder moeten we ook nog rekening houden met de dividenden. Brut gerekend kom ik op een gemiddeld dividend van 2%. Dit maakt het rendement van de fondsen 6,79% per jaar in de periode 2002-2011.

Zorgen de holdings voor voldoende spreiding?

Zijn deze holdings risicovoller dan fondsen? Is de portefeuille van de belegger dan wel voldoende gespreid met maar 10 aandelen?

Hieronder vindt U een lijst met de sectoren waarin we met deze 10 aandelen onrechtstreeks zouden beleggen:

  • Bouw
  • Baggerbedrijven
  • Bank
  • Vermogensbeheer
  • Vastgoed
  • Private Equity
  • Grondstoffen
  • Energie
  • Drank
  • Scheepvaart
  • Media
  • Distributie
  • Retail
  • Voeding
  • IT
  • Technologie en hardware
  • Halfgeleiders
  • Farma
  • Biotech
  • Telecom
  • Consumptiegoederen
  • Metaal

Ook de bedrijven waarin zij beleggen zijn zeker geen onbekende namen. Een kleine greep uit het assortiment.

Total, Suez, Iberdola, Pernod Ricard, Lafarge, Group Flo, M6 televisie, Exmar, Colruyt, Delhaize, Danone, B&W, Deceuninck, Petit Forrestier, Econocom, Unit 4, Hewlett Packard, EVS, Arcadis, Imtech, KPN, Accel Group, Royal Dutch Shell, Nestlé, Unilever, E.on, Sanofi-Aventis, Ageas, France Telecom, Samsung Electronics, Bank Degroof, Bank van Breda, Bank Delen, Berenberg Bank, Neuhaus, Recticel, Ter Beke, Heineken, DEME, Leas invest Real Estate, Sipef,…

Zoals U ziet is dit een prachtige selectie van bedrijven. Over spreiding hoeven we ons geen zorgen te maken.

Een bijkomend voordeel voor de Belgische belegger is dat we via deze holdings de dubbele belasting op dividenden kunnen uitschakelen.

Al deze informatie dient hoofdzakelijk om U als belegger kritischer te maken ten opzichte van fondsen. Er zijn goede en ook makkelijke alternatieven beschikbaar.

 

Lees ook de update hier

Waarom ik geen beleggingsfonds koop

Meer fondsen dan aandelen!

Volgens mijn opzoekingen op Euronext en Deutsche Boerse noteren er 1174 aandelen op Euronext en op Deutsche Boerse 1089. Het betreft hier gereglementeerde segmenten , dus bedrijven die noteren op de vrije markten zijn niet meegeteld.

Over heel de wereld kwam ik op 12000 genoteerde bedrijven.  Met 2263 aandelen dek je België, Nederland, Portugal, Frankrijk en Duitsland.

Als ik daarentegen het aantal fondsen bekijk wanneer ik De Tijd lees, val ik achterover.
Voor de grap heb ik de voorbije zaterdag eens beginnen tellen aan het aantal fondsen dat enkel en alleen KBC uitgeeft. Resultaat, …  ik heb het opgegeven. Het zijn er meer dan 1500 ! En zo zijn er nog 78 andere “merken” die fondsen uitgeven. Eerlijk is eerlijk, KBC is de fondsen kampioen, zij beslaan meer dan een volledige pagina. De fondsen in zijn geheel beslaan 5 pagina's met op elke pagina 6 kolommen ofwel 30 kolommen fondsen. De aandelen, obligaties, valuta, grondstoffen en de couponinformatie  worden in De Tijd gedrukt op 3 pagina's, en dit met gemiddeld 4 a 5 kolommen ofwel maximum 15 kolommen.

Het is overduidelijk dat er meer fondsen zijn dan aandelen, obligaties,…
Als ik in Nederland de krant opensla ( Financieel Dagblad), dan kom ik tot dezelfde conclusie.

Wat is het nut van zo veel fondsen?

Waarin beleggen deze fondsen dan allemaal ?
Wat is hun bestaansrecht? Het is toch onmogelijk dat al deze fondsen een verschil kunnen maken. Er zijn meerdere studies die aantonen dat fondsen gemiddeld slechter presteren dan wanneer je zou beleggen in de hele beurs.

Dan worden zo ook nog eens opgedeeld in categorieën waarbij ze enkel beleggen in milieu gerelateerde investeringen, of internet, of technologie, of Pharma of noem maar op, je kan het zo gek niet bedenken of er is een fonds voor.

Is het dan de bedoeling dat we van al deze fondsen toch nog zelf gaan kiezen welke we kopen? (hoe kunnen we zo'n fonds behoorlijk waarderen?) Of moeten we ze allemaal kopen?

Onafhankelijk advies?

In deze overvloed van fondsen is het onmogelijk voor een outsider om het juiste fonds er uit te kiezen, dus moet je vertrouwen op uw contactpersoon bij de bank.

Het probleem is dat je hier geen onafhankelijk advies kan verwachten. Zij moeten verkopen hetgeen er van hogerhand wordt opgedragen. Zo zijn onze bankbediendes verkopers geworden. Bovendien een bijzonder agressieve vorm van verkopen, hoe verklaar je anders dat mijn 83 jarige grootmoeder naar de bank wordt gevraagd om over haar geld te praten? Om ze vervolgens te vertellen dat ze niet meer goed zit in haar huidige fonds ( op de koop toe verkocht op dezelfde bank) en moet overschakelen naar een ander fonds.

Veel van deze verkopers kennen zelf niets van de beurs en beleggen en ratelen duidelijk hun ingestudeerde tekst af, ze moeten verkopen want ook zij of het filiaal krijgt commissie. Anderen kennen het wel, maar mogen hun eigen mening niet verkondigen.

Enkele jaren geleden ben ik naar een voordracht geweest  over beleggen, georganiseerd  door een Belgische grootbank. De spreker, ik schatte hem rond de 30 jaar, was duidelijk goed onderricht, had de nodige kennis van beurs en beleggen en gaf een goede uiteenzetting. Het laatste kwartier werd uiteraard een verkooppraatje, maar dit was aanvaardbaar, niemand werkt voor niets. Echter tijdens het kwartiertje dat er vragen mochten gesteld worden viel ik van mijn stoel van verbazing.

Eén vraag was, wat hij vond van China ( dit was aan het begin van de hele groeilanden gekte). Hoewel deze man hier duidelijk ook wel iets over kon vertellen, was zijn antwoord: “ Ik zal even opzoeken wat wij er van vinden” waarna hij in zijn kaft dook en begon te bladeren. Deze man was duidelijk te bang om zijn eigen mening te geven. Hij mocht niet tegen het beleid dat opgelegd werd in Brussel ingaan. Hoe kan je dan ooit nog enig vertrouwen hebben in hetgeen een bankbediende U vertelt?

De echte bestaansreden van fondsen

Fondsen zijn gemaakt met 1 reden, de bank zelf rijk maken. Het kan hen niet schelen of de klant geld verdient of verliest. Het belangrijkste is dat zij uw geld in hun zak krijgen.

De kosten van fondsen rijzen dan ook de pan uit.
Instapkosten 3%, met andere woorden, je moet al meer dan 3% stijgen voor je nog maar terug op 0 staat, pas daarna kan je iets beginnen verdienen.

Maar pas op, er zijn ook nog jaarlijkse beheerskosten, want je dacht toch niet dat ze het voor die 3% gingen doen? Gaande van 1% tot 2% liggen deze sterk uit elkaar.
In je eerste jaar moet je dus al minimaal 4% stijgen of je had je geld beter onder je matras gestoken. Stel nu dat je geld wil opnemen omdat je onverwachte kosten hebt.
Verkopen kost je nog eens 0,5% tot 5% (!!) afhankelijk van het fonds en de tijd dat je er al in zit. Dus als ik na 1 jaar mijn geld terug zou willen opnemen is de bank reeds met 9% van mijn kapitaal gaan lopen. Zij moeten dus al 8% meer rendement halen dan de index of ik had beter een indexfonds (of tracker) gekocht. Bij deze kom je er met normale beurskosten en een beheersvergoeding van 0,5% vanaf.

Zijn dan alle fondsen slecht?

Nee zeker niet, maar tussen de hele hoop, lijken de goede fondsen wel de uitzonderingen op de regel.
Als je toch een fonds wil kopen, waar moet je dan op letten?

Eerst en vooral, wie beheert het fonds? In de reclamefolders van de grootbanken staat niet vermeld wie het fonds beheert.
Als het er dan toch in staat, hoe lang beheert hij het al, en zal hij het nog beheren binnen 5 jaar?
Wat is zijn trackrecord?
En belangrijkste van allemaal, hoeveel van zijn eigen vermogen heeft hij in zijn eigen fonds geïnvesteerd?

Voor de fondsen liefhebber geef ik enkele namen mee die wel het bekijken waard zijn.

Capfi-Delen Asset Management, meer bepaald het fonds C+F optimum welke over de laatste 5 jaar een gemiddeld jaarlijks rendement kan voorleggen van 6,1%.

Instapkosten 2%, beheerskosten 0,54% en uitstap 0%..
website Capfi Delen : www.cadelam.be

Carmignac Patrimoine. Een gemiddeld jaarlijks rendement van 7,47% over de laatste 5 jaar. Instapkosten 4% (A) of 0% (E) afhankelijk van het deelbewijs. Beheerskosten 1,5% (A) of 2% (E) + extra commissie van 10% van al hetgeen dit fonds boven zijn referentie behaalt. Dit fonds noteert op de beurs van Parijs meer info op hun website www.carmignac.be/nl/index.htm

En als laatste één waarvan nog geen lange trackrecord bestaat. Fonds is pas opgericht op 1 oktober 2008, enkele dagen na de van van Lehman Brothers. Het betreft hier het Value Square Fund Equity World. Dit fonds zoals de naam laat vermoeden wordt beheerd door Value Square. Deze vennootschap werkt volgens de principes van het Value Investing of waardebeleggen, dit ligt dus in lijn met mijn methode van werken.
Instapkosten 3%, beheersvergoeding 1% + prestatievergoeding van 10% op alles boven de 6% op 1 jaar. Uitstapkosten 0,5%.
Meer info www.value-square.be. Dit fonds is te koop via BinckBank.

Ter vergelijking, de Eurostox 100 heeft over de laatste 5 jaar een gemiddeld jaarlijks rendement behaald van -3,20 %.

Bovenstaande fondsen presteerden behoorlijk beter, maar de kosten blijven toch nog steeds hoog.
Een goed alternatief voor beleggingsfondsen zijn holdings, maar daarover meer in volgend artikel.